MIO FRATELLO E FIGLIO UNICO

Spannende titel, saaie film

Cinemien
Het is tijdens het kijken naar Mio Fratello e Figlio Unico bijna onmogelijk om de gedachten niet te laten afdwalen naar het magistrale epos La Meglio Gioventu. Het is helaas al even onvermijdelijk te moeten vaststellen dat de vergelijking op alle vlakken in het nadeel uitvalt van Daniele Luchetti’s film.
 
Hij schreef het scenario met Sandro Petraglia en Stefano Rulli, de twee helden die La Meglio Gioventu schreven. Blijkbaar was hun ideeënkoker half leeg toen ze aan het werk togen. Centraal staan twee broers met een niet-compatibel karakter. Accio (Elio Germano) is een etterbak die twee stenen kan doen vechten. Waar hij aan begint, verzandt in ellende. Zijn oudere broer Manrico (Riccardo Scamarcio) is de sympathieke met de betoverende ogen en de goede looks. Ze staan op alle vlakken diametraal tegenover elkaar. Accio is het scherpe steentje in de schoenen van zijn ouders. Zijn broer stelt zich meer op als de strenge medeopvoeder, collaborerend met zijn ouders, zich buigend naar de Italiaanse familietradities dan als collega relschopper. Aan zijn oudere zus heeft Accio niets. Zij volgt les aan het conservatorium. Ooit zal ze een gevierde klassieke muzikante zijn. De broers mogen geen hogere studies doen. Ze zijn door hun ouders veroordeeld tot een bestaan als arbeider.
 
Accio’s verblijf op het internaat van de priesteropleiding als prille tiener werd een fiasco omdat de ondoorgrondelijke wegen van God geen ruimte laten voor discussie en vervelende vragen. Laat dat nu net zijn waar Accio dol op is: provoceren, grenzen overschrijden, uitdagen, pesten en treiteren. Standaardgedrag voor een puber. Niets uitzonderlijks, tot hij in de ban geraakt van Mario Nasuri, een schreeuwlelijke tafelkledenverkoper op de markt. Mario is een trouwe fascist die heimwee heeft naar de tijden van Benito Mussolini: Il Duce, de laatste onkreukbare Italiaanse held.
 
En zo rolt Accio in het fascisme, met lidmaatschapskaart en al. Het levert hem nog meer slaag op van zijn broer die intussen als vakbondsafgevaardigde amok maakt in de fabriek. De ene zoon een donkerbruine fascist, de andere een bloedrode communist. Je zou als moeder van minder beginnen te zuchten. En la mama zucht wat af. Accio en Manrico rammen elkaar tot moes tot kameraad Francesca voor de deur staat, het liefje van Manrico. Een meisje met een glimlach die de ijskappen doet smelten. Zoals dat bij een echte vrouw past, gooit ze Accio’s leven overhoop: de fascist wordt verliefd op een communiste. Waarom niet? Accio wordt beslopen door enige mildheid en stelt zijn hele jonge leven in twijfel.
 
Mio Fratello e Figlio Unico is gesitueerd in de jaren zestig in Latina, een voormalig bolwerk van Mussolini, ongeveer twintig jaar na het einde van de Tweede Wereldoorlog waarin Italië meevocht met de Duitsers. De wonden die de verloren strijd heeft geslagen, zijn nog niet helemaal geheeld. Het leven gaat ogenschijnlijk zijn gangetje maar onder het rimpelloze oppervlak razen nog extreme onderstromen.
 
In Italië werd Mio Fratello… overladen met belangrijke filmprijzen. Het moet zijn dat de film een exclusief Italiaanse snaar raakt want waar hij al die lof aan verdient, is gehuld in nevelen. Regisseur Daniele Luchetti is geen beginneling. Mio Fratello is al twaalfde speelfilm. Eerder maakte hij Il Portaborse en La Scuola die bij ons met succes uitgebracht zijn.
 
Zijn verhaal over de links-rechtstegenstelling, gebed in het Italiaanse politieke kluwen, verankerd in de chaotische maatschappij, belooft veel maar maakt weinig klaar. De interessante cast valt niets te verwijten. Die kwijt zich meer dan bekwaam van zijn taak. De mannen maken indruk. Elio Germano en Riccardo Scamarcio halen meer uit hun personages dan er eigenlijk inzit. De karaktertekening is het zwakke punt van deze filmische onderneming. De vrouwen krijgen een irritant stereotiepe rol toebedeeld. Ze zijn mooi zoals Francesca of ze janken zich een beroerte zoals de moeder. De rol van de zus had mogen sneuvelen op de montagetafel want haar bijdrage tot het verhaal is miniem. Alle aandacht gaat naar de mannen en ondanks de ruime schermtijd die ze krijgen, hangen ook zij aan elkaar van de clichés. Ze zijn niet geschetst door een geduldige Italiaanse renaissancekunstenaar maar door een ruwe Napolitaanse gevelschilder. Luchetti springt van de hak op de tak, haastig als hij is om zijn verhaal verkocht te krijgen. Voor een analyse van de Italiaanse tijdgeest in de jaren zestig graaft hij niet diep genoeg en komt hij met te weinig nieuwigheden. De veelvuldige politieke bijeenkomsten zijn mat en kunnen de revolutionaire sfeer niet oproepen.
 
De politieke achtergrond moet het klimaat weergeven dat Accio, Manrico en Francesca drijft tot hun extreme politieke keuzes. Vermits die achtergrond niet deugt, is de geloofwaardigheid van hun daden eufemistisch gesteld twijfelachtig. Het is niet duidelijk waarom Accio zich zo aangetrokken voelt tot het fascisme. Is het uit puberale opstandigheid? Is het een jeugdzonde? Om zijn familie te kloten? Of ziet hij echt een toekomst in het fascisme? De vragen zijn nog niet beantwoord wanneer hij al opduikt aan de andere kant van het politieke spectrum. Mensen kunnen al eens van mening veranderen en het over een andere boeg gooien. De totale ommezwaai blijft zonder verklaring.
 
De gejaagde, rudimentaire plompe sprongen in het verhaal leiden uiteindelijk naar een onbevredigende en simpele ontknoping die de ontgoocheling compleet maakt. Als coming-of-age tegen een historische achtergrond schiet Mio Fratello e figlio Unico te kort. Maar de film zit technisch te goed in elkaar en er wordt te sterk geacteerd om hem totaal af te wijzen. De titel is sterker dan de film.
 

Titel: Mio Fratello e figlio Unico
Genre: Drama
Speelduur: 1u40
Regisseur: Daniele Luchetti
Acteurs: Elio Germano, Riccardo Scamarcio, Diane Fleri, Alba Rhorwacher, Angela Finocchiaro, Massimo Popolizio, Luca Zingaretti, Anna Bonaiuto