JINDABYNE

They Did a Bad, Bad Thing…

Sony
Het is u vergeven als u bij het bedenken van mogelijke locaties voor horrorscènes en gruwelijke taferelen niet meteen de weidse, Australische outback voor u ziet. En toch slagen enkele regisseurs er recent in om het onder de zon brandende binnenland van Down Under in een claustrofobische dreiging en snijdende spanning onder te dompelen. Niet lang geleden nog zagen we Wolf Creek, waarin drie jonge toeristen brutaal werden gemarteld en opgejaagd door de Crocodile Dundee From Hell; Mick (John Jarratt). Het beeld van zijn in de verte opdoemende wagen, die als een demonisch voertuig over het wegdek naar zijn volgende slachtoffer racet, was voldoende om de hartslag van het publiek de hoogte in te jagen.
 
In Jindabyne, gebaseerd op het kortverhaal So Much Water So Close to Home van Raymond Carver (dat ook al in Robert Altmans Short Cuts verfilmd werd), gaat het regisseur Ray Lawrence niet om folterpraktijken en dodelijke slachtingen, maar de verontrustende openingsscène, waarin een jonge Aboriginalvrouw belaagd wordt door een man in een truck (en meteen ook het startschot voor de verwikkelingen in de film) zet meteen de toon. In deze outback kan elke vreemde een moordenaar zijn, is elke gedaante die een praatje maakt met je zoon een potentiële kinderlokker, zijn kinderen gefascineerd door de dood en doen goede mannen slechte dingen.
 
Centraal staan Stewart Kane (Gabriel Byrne) en zijn vrouw Claire (Laura Linney). Hoewel Claire na de geboorte van hun zoontje geplaagd werd door een zware postnatale depressie en ze Stewart zelfs enige tijd alleen achterliet met het kind lijken de meeste plooien binnen het gezin gladgestreken. Stewart is een brave huisvader die elke dag van en naar zijn werk gaat en weinig meer verwacht van het leven dan een warm nest bij zijn thuiskomst. Een hoogtepunt is een jaarlijkse visuitstap met enkele vrienden; de kans om volledig te ontspannen (zoals een van de personages zegt bij hun aankomst op het idyllische visparadijs; “no women allowed”). Maar dan wordt hun hengelrust brutaal verstoord door een wel heel misselijkmakende ontdekking; drijvend in het water van de rivier ligt een jonge vrouw. Naakt… morsdood. Nadat de eerste schok is weggeëbd besluiten de mannen om die nacht het lijk niet meer te rapporteren. Ze maken haar voet voorzichtig vast aan een boomstronk bij het water, proberen hun zinnen te verzetten en gaan verder met hun weekend zoals gepland. En het wordt een triomftocht. Vis na vis wordt uit het water getild en de mannen zijn in hun nopjes (“iets heeft de watergeesten gunstig gestemd”). Maar dan breekt de ochtend van hun terugtocht aan. De politie wordt ingelicht en een storm van protest raast over hen heen! Niemand begrijpt hoe de mannen ongestoord verder konden vissen en Stewart en zijn vrienden worden het middelpunt van haat en vergeldingsacties.
 
Regisseur Lawrence vestigt zijn aandacht op het ongeloof binnen Jindabyne (de naam van het dorp waar het verhaal zich afspeelt) en werpt zijn blik op de moreel twijfelachtige daad (of antidaad) van de mannen. Zoals Byrne’s personage tegen zijn zoontje (die zelf ook met een morbide fascinatie voor de dood lijkt te kampen) zegt: “there are no bad men here”. Maar klopt dat wel? Als kijker is het moeilijk om niet met Stewart en zijn vrienden mee te leven maar feit is wel dat ze er op een cruciaal moment voor kiezen om ongestoord verder te gaan met hun ontspannen uitje. Dat de politiediensten en de Aboriginalfamilie van het slachtoffer geen interesse lijken te hebben in de dader (een angstaanjagend rustige Chris Haywood, wiens aanwezigheid als een etterende wonde op de achtergrond blijft) geeft de film een surrealistische toon. Algauw wordt het duidelijk waar het Lawrence echt om gaat; we mogen dan wel de verdere belevenissen van Stewarts vrienden volgen, toch stevent het scenario onmiskenbaar op een onafwendbare confrontatie tussen Stewart en Claire af. Zij (een fantastische Laura Linney), het slachtoffer van verwarde moedergevoelens, slaagt er net als iedereen in het stadje niet in om haar man te begrijpen en onderneemt verwoede pogingen om haar verontschuldigingen aan te bieden bij de familie van de vermoorde vrouw. Maar Stewart, een goede man die door een kwalijke vergissing alles dreigt te verliezen, begrijpt hun onbegrip niet. Het is alweer even geleden dat we Gabriel Byrne nog eens zijn volledige acteertalent in de strijd hebben zien gooien maar hier stelt hij allerminst teleur. De scène waarin hij alle frustraties en opgekropte woede uitspuwt is wreed en eng omdat het net die duistere kant blootlegt die het personage wil ontkennen. De rest van de cast is al even indrukwekkend. In kleine maar belangrijke bijrollen slagen de bij ons meestal onbekende acteurs en actrices erin om hun personages een levensgeschiedenis mee te geven. Ze verrijken de film en vervolledigen het plaatje.
 
Jindabyne is uiteraard geen perfecte film; daar sleept het verhaal iets te lang voor aan en blijft het einde (hoewel erg ontroerend) ietwat onbevredigend. Ook volgt het scenario van Beatrix Christian enkele kronkelpaadjes die naar een niet altijd noodzakelijke suspensescène moeten leiden en blijven sommige subplots in het ijle hangen (wat ook als iets positief gezien kan worden).
 
Uiteindelijk ontpopt Ray Lawrence’s Jindabyne zich tot een ingetogen, razend knap geacteerd en emotioneel verpletterend drama dat bij de kijker vragen oproept over moraliteit (én mortaliteit). Wat gebeurt er als goede mensen niets doen? De Aboriginalvrouw is dood aan het begin van de film, maar de lijdensweg voor iedereen in Jindabyne moet dan nog beginnen.
 

Titel: Jindabyne
Genre: drama
Speelduur: 2u03
Regisseur: Ray Lawrence
Acteurs: Laura Linney, Gabriel Burne, John Howard, Simon Stone, Eva Lazzaro, Deborra-Lee Furness, Stelios Yiakmis, Chris Haywood