I'M NOT THERE

Split Personality

A-Film Distribution
Om maar meteen met de deur in huis te vallen: het is maar de vraag of ondergetekende de juiste man is om een film over het leven en werk van singer-songwriter Bob Dylan aan een grondige recensie te onderwerpen. Misschien had hier beter een Dylan-kenner aan het klavier gezeten, vastbesloten om elk symbolisch beeld en elke gespeelde noot met de visie van een insider te bestuderen. Of net die kennis, of het gebrek eraan, een verlammend effect zal hebben op wat volgt, zult u echter zelf moeten uitmaken.

Tot zover deze enigmatische introductie op een al even mysterieuze en bevreemdende Dylan-film. We jokken enigszins als we beweren helemaal niets van Dylan af te weten. De grote lijnen zijn ons wel bekend, niet in het minst dankzij Martin Scorseses meer dan drie uur durende documentaire No Direction Home. Maar echte “connaisseurs” zullen we wel nooit worden. Dat heeft ook te maken met het feit dat – heiligschennis – de muziek van Dylan ons nooit echt lag. Zijn nasale geluid en poëtische teksten wisten ons nooit echt te raken of in vervoering te brengen.

Wie I’m Not There wil gaan bekijken, dient wel over een elementaire kennis van zaken te beschikken. Een “Dylan-maagd” zal zich misschien wel vergapen aan de virtuoze visuals, de knappe muziek en de uitstekende acteerprestaties, maar zal thematisch en narratief (als we dit woord hier kunnen gebruiken) in de kou blijven staan.

I’m Not There vestigt de aandacht op verschillende “periodes” uit het leven van Dylan. Zes acteurs nemen elk een facet van Dylans persoonlijkheid voor hun rekening, en begeleiden het publiek doorheen gebeurtenissen uit Dylans leven, interpretaties van teksten uit zijn songs en de Amerikaanse geschiedenis van de laatste zestig jaar. De verhaallijnen lopen in elkaar over, raken in elkaar verstrengeld, staan haaks op elkaar en leiden zelden naar een emotionele of inhoudelijke ontknoping. Zelfs wie op zoek gaat naar een analyse van de figuur Dylan komt bedrogen uit. I’m Not There lijkt “ontstaan” en niet “beredeneerd”, zwalpend van de ene naar de andere song, onderweg halt houdend aan een poëtisch beeld dat ieder die zich tegen de beeldenstroom verzet alleen maar genadeloos zal frustreren.

De cast is uitstekend in wat ongetwijfeld allesbehalve eenvoudige vertolkingen zijn geweest. De jonge zwarte Marcus Carl Franklin mag de spits afbijten als Woody Guthrie, de verpersoonlijking van de “jonge Dylan” die – om de verwarring meteen compleet te maken – genoemd is naar een van Dylans idolen. Franklin is ronduit fantastisch in een rol die niet meteen opvalt (de “grote namen” in de film zullen eerder nietsvermoedende kijkers aantrekken), maar hij toont een wijsheid en muzikale kracht die weinig kindacteurs gegeven is. De alomtegenwoordige Christian Bale speelt Jack Rollins, de rijzende Dylan-ster die vervolgens in kerkjes gaat preken. Zoals we van Bale gewoon zijn, weet hij met enkele poses en gebaren de essentie van (een deel van) Dylan te vatten, zonder daarbij in een eenvoudige imitatie te vervallen. Heath Ledger – volgend jaar als The Joker lijnrecht tegenover Bale’s Batman in The Dark Knight – toont als de bijna James Dean-achtige acteur Robbie Clark een derde aspect van Dylan, waarin ook zijn niet altijd even rooskleurige relatie met vrouwen (hier Charlotte Gainsbourg als Claire) aan bod komt. Ben Whishaw (Perfume) duikt af en toe op als Arthur Rimbaud, de dichter in Dylan. Hij richt zich tot het publiek in de zaal en etaleert teksten die voor sommigen ongetwijfeld volslagen onzin zijn, maar voor anderen bijna bijbelse openbaringen moeten lijken. Richard Gere is “de zwerver”. Niet toevallig heet hij Billy the Kid, een verwijzing naar Sam Peckinpah’s western Pat Garrett & Billy the Kid uit 1973, waarin Dylan een rol had aan de zijde van James Coburn als Garrett en Kris Kristofferson (die in I’m Not There de rol van verteller op zich neemt) als Billy. Gere’s deel lijkt amper een raakpunt te hebben met de andere “verhaallijnen”, wordt opeens erg bizar, maar had op ons alvast een hypnotische uitwerking. Wie echter het meest opvalt, is de net als Bale overal opduikende Cate Blanchett als Jude Quinn. Dit deel van de film, waarin Dylans breuk met zijn fans, zijn plotse interesse voor elektronische muziek en zijn moeilijke relatie met de pers centraal staan, toont de Dylan zoals de meeste leken hem wel zullen kennen. De sterke zwart-wit fotografie, de absurde slapstick (het moment met de Beatles) en de onvoorstelbare vertolking van de knappe Blanchett als de schriele en in zichzelf gekeerde Quinn zijn werkelijk hallucinant. Velen schreven het al eerder, maar ook wat ons betreft mag Blanchett alvast op een Oscarnominatie rekenen.

Ook in de bijrollen zien we bekende namen opduiken. Julianne Moore vertolkt een soort Joan Baez, de folkzangeres die een tijdlang met Dylan toerde. Bruce Greenwood – een onderschatte acteur die onterecht altijd een beetje in de marge blijft staan – verbaast met een dubbelrol als journalist (naast Blanchett) én een stokoude Pat Garrett (naast Gere). David Cross (uit Arrested Development) is de poëet Allen Ginsberg, en een onherkenbare Michelle Williams duikt op als Coco Rivington.

Het blijft moeilijk om in te schatten of I’m Not There een goede dan wel een zwakke film is. Sinds Far From Heaven weten we wel dat Todd Haynes een talentvolle regisseur is, maar dat is geen garantie op een goede film. In 2003 regisseerde Larry Charles (Borat) Masked and Anonymous, ook al een met bekende acteurs en actrices gevulde blik op de figuur Dylan. Hoewel die film ook op enkele lofbetuigingen kon rekenen, waren de meeste reacties overwegend negatief. En terecht. Masked and Anonymous is een frustrerende ervaring, waarin een getalenteerde cast verloren loopt in wat niet anders kan omschreven worden als een hol “vanity project”. Zelfs Martin Scorseses epische en zeer goede documentaire No Direction Home kon ons niet volledig overtuigen. Volgelingen van Dylans kerk zullen we wellicht nooit worden, maar met I’m Not There is Haynes er toch in geslaagd om ons begrip en gevoel bij te brengen over wie Dylan was, is en zal worden.

I’m Not There is zo’n typische quasi-experimentele productie die de discussies over kunst en pretentieuze rotzooi opnieuw zal laten losbarsten. I’m Not There lijkt gemaakt voor een exclusief cinefiel publiek, maar om een of andere reden stootte de prent ons nergens tegen de borst en lieten we ons graag meevoeren in Haynes’ (en Dylans) gedachtewereld. De muziek, hier uitgevoerd door een weelde aan muzikanten, past organisch in het geheel en schenkt de film een onmiskenbare meerwaarde, vol humor, drama, liefde en fantasie. De onderscheiden verhaallijnen vormen een vreemde puzzel, en hoewel de film steeds balanceert op de grens tussen kwaliteit en overmoedige, zelfbevredigende “arthouse crap”, blijft I’m Not There gelukkig aan de goede kant opereren. We weten niet meteen waarom het werkt, maar het werkt wél! I’m Not There is origineel, frustrerend, fascinerend, bevreemdend, onzinnig, intelligent en meer dan we ooit in een recensie kunnen vatten.

Straks worden we toch nog Dylan-fans. The times they are a-changin’!


Titel: I’m Not There
Genre: Muzikale biografie
Speelduur: 2u15
Regisseur: Todd Haynes
Acteurs: Cate Blanchett, Heath Ledger, Christian Bale, Richard Gere, Ben Whishaw, Marcus Carl Franklin, Kris Kristofferson, Julianne Moore, Charlotte Gainsbourg, David Cross, Bruce Greenwood, Michelle Williams