SMALL GODS

Wat zegt ze?

A-Film
Small Gods is de exponent van de nieuwe Vlaamse cinema: eigenzinnig, brutaal en barstend van het zelfvertrouwen. Regisseur-scenarist Dimitri Karakatsanis heeft zich radicaal losgetrokken uit de Vlaamse klei en heeft vierkant zijn goesting gedaan. Het resultaat is een spraakmakend debuut dat niet voor een gat te vangen is. Het is een onstuimige trip van ongrijpbare personages door een ongedefinieerd landschap.

Tientallen jaren hebben Vlamingen - inwoners van België, het meest surrealistische land ter wereld – brave, correcte en enigszins fantasieloze films gemaakt. Natuurgetrouw en correct, herkenbaar boven alles. Waarachtigheid verkiezend boven fantasie, trouw aan de eigen bodem. Cinema in fermettestijl. Die kneuterigheid is Dimitri Karakatsanis vreemd. Small Gods speelt zich af in de schemerzone waar waarheid overgaat in fantasie, waar herinneringen vervagen en vervormd worden. Wat je ziet is niet altijd wat je ziet. En omgekeerd. De werkelijkheid heeft vele gedaantes.

De Limburger vertelt een knap opgebouwd, stevig verhaal. Dat van Elena, een jonge vrouw die in haar woonkamer ondervraagd wordt door een geduldige vijftiger. Aarzelend, met lange pauzes doet Elena het bevreemdende relaas van een avontuur waar ze duidelijk nog niet van bekomen is. De woorden komen er uit met een verlostang.

Ze werd uit het ziekenhuis ontvoerd door David, een man die ze van haar noch pluimen kent. David kent haar evenmin. Hij verzorgt haar, als een onbarmhartige Samaritaan. Later redt David een weesmeisje uit de handen van een woeste verkrachter. Sara zegt geen woord. Het trio reist samen verder. Ogenschijnlijk zonder doel en zonder bestemming. David is de leider. Elena en Sara gaan mee. Eerst ondergaan ze, later groeit het vertrouwen. Ze trekken altijd rechtdoor. Tot Elena en Sara de confrontatie met hun verleden niet meer kunnen ontlopen.

De lange ondervraging is gespekt met flashbacks waarin Karakatsanis mondjesmaat informatie vrijgeeft over David, Sara en Elena. Maar hoeveel details Elena in haar verhaal smokkelt en hoe slinks de ondervragen haar informatie probeert te ontfutselen, veel wijzer wordt hij niet. En de kijker ook niet. David en Sara lijken wel geesten of engelen. Gefantaseerde creaturen ontsproten aan een door trauma’s verwrongen geest. Of ze bestaan echt. Niets dat die mogelijkheid uitsluit.

In Karakatsanis’ wereld is ruimte voor meer dan één waarheid. Er zijn de feiten en de interpretatie van die feiten. Hij laat het aan de ondervrager en aan de kijker om uit te maken of wat Elena vertelt echt gebeurd is. Het zou kunnen. Het heeft geen belang. Small Gods is een film die het moet hebben van de unieke zinderende sfeer die de grillige fotografie en de weinig alledaagse personages oproepen. David, Elena en Sara hebben een woelig verleden. De voorgeschiedenis van de vrouwen is donker, donkerder, donkerst. Alsof ze getroffen werden door hun tien persoonlijke plagen. De manier waarop David zich ontpopt tot hun redder en bevrijder is al even apart.

Dimitri Karakatsanis filmt als een trapezist zonder vangnet: vol risico en met ware doodsverachting. Hij speelt alles of niets. In alle aspecten van zijn film gaat hij tot het uiterste. Het scenario lijkt geschreven op een dieet van absint, onrijpe mango’s en Amsterdamse champignons; the best-of cd van LaToya Jackson op de achtergrond op eindeloze repeat. Wie het gaspedaal zo diep indrukt, kan al eens een schuiver maken. Niet alle ideeën in de film zijn even secuur uitgewerkt en een enkele keer gaat de film voor het snelle effect.

Als totaalervaring is Small Gods wel een voltreffer. Als debuterende regisseur weet Karakatsanis verdraaid goed wat hij wil en wist hij het ook perfect te vertalen in beelden en geluid. Hij is daarbij uitstekend geholpen door het opvallende camerawerk van zijn broer Nicolas. De desolate, magnifiek in beeld gebrachte industriële landschappen doen Vlaanderen lijken op een nog niet ontdekte planeet. Visueel doorstaat Small Gods moeiteloos de vergelijking met Paranoid Park en My Blueberry Nights. De afwisseling van extreme close-ups met wazige vergezichten, van schokkende camera’s met troebele snippers is duizelingwekkend mooi. De beeldenpracht staat volledig in dienst van het donkere grillige verhaal, net als de sterke cast.

Steffi Peeters (Elena) debuteert op het grote scherm. Ze zit in bijna iedere scène. Het contract tussen de scènes aan de ondervragingstafel en die on the road is gigantisch. Het is voor een actrice bovendien niet vanzelfsprekend geloofwaardig te blijven in de waanzin van Small Gods. Peeters slaagt met onderscheiding. Ook Louiza Vande Woestijne (Sara) is een debutante. Ze lost op in de gekte, past zich aan als een gekko en geeft haar hypergecompliceerde personage een heel natuurlijke diepgang. Titus De Voogdt is Titus De Voogdt. Hij filmt zich in een razend tempo een indrukwekkende filmografie bij elkaar.

De acteerprestaties, visuele aanpak en het verhaal vormen één naadloos geheel. De som is veel sterker dan de delen. Kort, stormachtig, een bombardement van knappe vondsten. Met Small Gods komt een Vlaamse film in de zalen die niemand koud laat. Net als het compromisloze Ex Drummer lokt hij felle reacties uit. Twee films met ballen, die prikkelen en uitdagen. Debuutfilms die het allerbeste doen vermoeden voor de toekomst van de visionaire makers en die de Vlaamse cinema extra pigment geven.

Gezien op het 34ste Filmfestival van Vlaanderen Gent.


Titel: Small Gods
Genre: Drama
Speelduur: 1u30
Regisseur: Dimitri Karakatsanis
Acteurs: Titus De Voogdt, Louiza Vande Woestijne en Steffi Peeters