Lars (Ryan Gosling) is een ‘loner’. Hij hokt in het tuinhuisje van zijn broer Gus (Paul Schneider) en diens zwangere vrouw Karin (Emily Mortimer). Het weinige contact dat hij heeft, is dat met zijn collega’s op het werk – waaronder Margo, die de knul wel ziet zitten. Van zodra hij thuiskomt, rept hij zich in zeven haasten naar binnen om eventuele praatjes te vermijden. Karin maakt zich ernstig zorgen om Lars en meent in zijn gebrek aan liefde de ware boosdoener te zien. Tot Lars op een dag aan de deur staat, met een glimlach waar zelfs Jelle Cleymans nog iets van kan leren.
Hij heeft een vriendin leren kennen via het internet (Karin: “Well, everybody’s doing that now”). Dat ze een vreemde taal spreekt, vormt voor Gus en Karin helemaal geen obstakel. Tot ze oog in oog zitten met Lars’ nieuwe vriendin Bianca, een heuse zwartharige sekspop met dikke prammen. Gus verklaart zijn broer gek en trekt met vrouwlief naar mevrouw Bergman (Patricia Clarkson), dorpsdokter en occasionele Freud van dienst.
Haar analyse luidt dat Lars een waanbeeld heeft dat voortvloeit uit een jeugdig trauma. Opdat Lars weer de oude zou worden, kunnen Gus en Karin maar best meegaan in het Bianca-verhaal. Kortom, ze moeten Bianca aanzien als een leuke vrouw van vlees en bloed. De gimmick verspreidt zich al vlug over het kleine parochiedorpje – zo zegt iemand: “I wish I had a woman who couldn’t talk” – maar al even snel beslist de hele gemeenschap om Bianca in haar op te nemen.
We mogen Lars and the Real Girl niet afrekenen op het aantal goede moppen, want volgens de makers kan de film niet als een komedie worden beschouwd. Het heet een lichtvoetig drama te zijn met een komische noot. Nochtans konden we goed lachen om Lars die zich in zijn opperbeste plunje tooit en zijn tanden poetst alvorens hij Bianca uit haar doos haalt. Bovendien was het een slimme zet van regisseur Craig Gillespie om de camera even te bevriezen op de blik van Gus en Karin wanneer ze voor het eerst in contact komen met Bianca. Zo moet Yves Leterme een beetje hebben gekeken toen hij Joëlle Milquet voor het eerst hoorde antwoorden op al zijn eisen.
Maar daarmee is meteen ook het beste gezegd over het komische aspect van de film. Geen enkele mop uit het scenario van Nancy Oliver – die enkele afleveringen van Six Feet Under schreef – gaat zelfs maar een beetje over de schreef. Het lijkt wel alsof er tijdens het schrijfproces een censuurengeltje vanop haar schouder meekeek, dat kuchte telkens wanneer ze iets stoutmoedigs aan het neerpennen was. Niet dat we geperverteerd zijn, maar we kunnen ons zo wel enkele scènes voor de geest halen bij een man die verliefd is op een sekspop. Misschien zouden die wat minder fraai ogen, maar met de nodige creativiteit zouden ze des te grappiger kunnen zijn.
Mocht de film dan een goed onderbouwd drama brengen, dan had dat al heel wat kunnen goedmaken. Maar driewerf helaas en pindakaas. Wat Lars and the Real Girl vooral wil doen, is goed scoren bij een zo groot mogelijk publiek. Het moet een film zijn waar het hele gezin –met liefst ook opa en oma op de achterbank – een gezellig middagje uit kan van maken. Schrappen dus, alle aspecten die enig denkwerk vergen, enter pasklare antwoorden op alle vragen.
Lars heeft een gebrek aan affectie? Zijn moeder stierf toen hij nog een jong ventje was, en zijn vader is zich daarna als een echte tiran gaan gedragen. Lars die een verschrikkelijke pijn voelt telkens wanneer iemand hem aanraakt? Idem dito. Gus die zich schuldig voelt? Ha, de gluiperd heeft hem geknepen nadat zijn moeder de geest had gegeven.
Het camerawerk is bij tijden niet mis, maar sommige beelden doen dan weer even plat aan als die van de hele VTM-crew die gezellig rond de kerstboom glimlachjes naar de camera werpt. Nee, dat Lars and the Real Girl niet helemaal kopje onder gaat, is – naast die enkele goede moppen – vooral te danken aan de solide vertolkingen. Ryan Gosling zit strak in het pak van halfgestoorde poppenminnaar. Zijn evolutie van een uiterst bedeesde naar een meer uitbundige en gelukkige jongeman doet vrij natuurlijk aan. Verder is er ook de sterke vertolking van Patricia Clarkson als dokter Dagmar. Maar we onthouden vooral Emily Mortimer als Karin, en dan voornamelijk de scène waarin ze er Lars met overslaande stem op wijst dat iedereen alles voor hem en niemand anders doet.
Het startidee van Lars and the Real Girl leende zich tot een eigenzinnige, originele film met scherpe kantjes. Een man die verliefd wordt op een pop en daarvoor niet onmiddellijk wordt geïnterneerd, is op zich al een geweldig idee. Maar het resultaat is een afgezwakt en afgevijld geheel, met een voorspelbaar einde waar menig gokchinees een stevige duit zou kunnen aan verdienen. De makers wilden vooral niemand tegen de schenen schoppen. Dat heet dan een gemiste kans.
Titel: Lars and the Real Girl
Genre: Drama / Komedie
Speelduur: 1u46
Regisseur: Craig Gillespie
Acteurs: Ryan Gosling, Emily Mortimer, Paul Schneider, Kelli Garner, Patricia Clarkson