Het begint allemaal vrij optimistisch: Travis Bickle lijdt aan slapeloosheid en dus rijdt hij ’s nachts rond met een taxi. Hij verdient veel geld en gaat relatief gelukkig door het leven. Hij ontmoet zelfs een meisje en alles lijkt op rolletjes te lopen. Tot Betsy hem afwijst. Bickle haalt zich een klein arsenaal aan wapens in huis en besluit orde op zaken te stellen. Hij ontmoet een kinderprostituee en besluit haar uit de criminaliteit te halen. Wat Bickle van plan is, blijft lang een mysterie en wordt pas duidelijk wanneer hij het ook effectief doét. Heeft hij het gemunt op de mooie Betsy of op de pooiers van het hoertje Iris (een piepjonge Jodie Foster)?
Daar zit de kracht van deze prent. De hele film lang vraag je je af wat Bickle gaat doen en vooral wannéér hij het gaat doen. Hele scènes lang zit hij alleen in z’n appartement, zijn wapen (een gigantische .44 Magnum) haast met z’n hand vergroeid. Je kan niet anders dan je afvragen wat een man met zo’n arsenaal van plan is. Het is niet voor niets dat de “are you talking to me”-scène zo befaamd is geworden.
Scorsese slaagt heerlijk in het creëren van de duistere New Yorkse sfeer. De neonlichten reflecteren magistraal op de gele motorkap van de taxi’s en de hoertjes paraderen frivool over de boulevards. Ook Robert de Niro levert fraai werk. Bij elke dialoog, bij alles wat hij doet, lijkt het of Bickle’s brein flirt met de krankzinnigheid en de eenzaamheid en frustratie die Bickle verteren, worden vaak heel subtiel geportretteerd. Het draagt allemaal bij tot de algemene duistere vibe die over film hangt en die hem tot zo’n klassieker gemaakt heeft.
Je zou kunnen zeggen dat het verhaal vrij traag is. De ongelooflijke snelheid waartegen films tegenwoordig vaak voorbij denderen, zit daar ongetwijfeld voor iets tussen (denk maar aan films van regisseurs als Michael Bay, waarin er geen tien minuten zonder ontploffende wagens en instortende appartementsgebouwen voorbij gaan). Maar het is net die traagheid die zorgt voor een permanent gevoel van spanning, het gevoel dat het verhaal gaat exploderen in een allesvernietigende, apocalyptische climax.
Taxi Driver is een gitzwarte cocktail van briljante cinematografie, knap acteerwerk en een enorme dosis spanning. Een ronduit knappe film, die bewijst dat Scorsese een waar kunstenaar is als het gaat over het in beeld brengen van het geweld en de criminaliteit van New York. Taxi Driver is een klassieker, één van de beste werken die Hollywood ooit gezien heeft. Die Oscar die nu in Scorsese’s kast staat, die had er dertig jaar geleden al moeten staan.
Elke maand stoffen we een filmklassieker af. Surf doorheen het archief om de vorige klassiekers te lezen.