FUNNY GAMES U.S.

We spelen een spel vanavond

Cinéart
Stel je eens voor: je bent met je gezin op vakantie in een dure villawijk. Plots kloppen de buurjongens aan om een paar eieren te lenen. Ze zijn beleefd en vriendelijk. Té vriendelijk zelfs. Maar wat doe je als de twee zich niet laten wegsturen? Als dreigen niet helpt? En hoe zou je reageren als blijkt dat het twee brute maniakken zijn, die jou en je gezin willen martelen voor hun eigen plezier?

Een gruwelijke premisse, daarover bestaat geen twijfel. Filmliefhebbers weten echter al dat Funny Games geen doorsnee horrorfilm is. Het uitgangspunt doet dan wel denken aan Wes Cravens The Last House on the Left – of een andere home invasion-film naar keuze –, de Oostenrijkse regisseur Michael Haneke (bekend van Caché en La Pianiste) is echter niet iemand die terugvalt op goedkope en voorspelbare trucjes. Met Funny Games U.S. probeert hij een zinnig statement te maken over (film)geweld. Dat deed hij eigenlijk tien jaar geleden al met de Duitstalige versie van Funny Games, maar met deze Engelstalige remake hoopt Haneke nu ook het Amerikaanse publiek te bereiken. Met behulp van de starpower van hoofdrolspeelster Naomi Watts (die ook dienst doet als producente) wil de cineast opnieuw de nodige debatten uitlokken over de zin en onzin van geweld. Maar Haneke wil vooral laten zien hoe gemakkelijk het is om de emoties van het publiek te manipuleren.

Dat doet hij echter op een manier die je als kijker niet gewoon bent. Haneke bouwt zijn scènes op zoals dat in een klassieke Hollywood-thriller gebeurt, en zorgt er daarbij voor dat het publiek heel bewust partij kiest. Vervolgens zet hij het hele handeltje op z’n kop. Zo laat hij bijvoorbeeld een van de moordenaars rechtstreeks tot het publiek spreken. Het eigenaardige is dat je nu (al dat niet bewust) de kant van de slechteriken gaat kiezen. Vergelijk het met de fascinatie die je kan hebben voor een auto-ongeluk of een spectaculair reality-programma. Je voelt de onweerstaanbare drang om te kijken, ook al weet je dat het verkeerd is of dat je misschien iets zult zien dat je mogelijk nooit meer vergeet. Thrillers en horrorfilms steunen op dezelfde mechanismen. Afgezien van het feit dat het natuurlijk om fictie gaat, hoop je als kijker toch stiekem dat er iets gruwelijks of gewelddadigs gebeurt. Dat maakt zo’n film immers spannend.

Het probleem met geweld is dat het door filmmakers steeds vaker als een goedkope gimmick wordt gebruikt. Het is een slim trucje om emoties los te weken bij het publiek, zonder dat het veel moeite kost. Misschien een merkwaardig argument, want Funny Games U.S. is natuurlijk ook een geweldfilm. Toch mogen we Haneke niet over dezelfde kam scheren als zijn collega’s. In Funny Games onderneemt hij namelijk een bewuste poging om de impact van geweld te tonen, zonder het geweld zélf in beeld te brengen. De personages in zijn film lijden vooral onder de psychologische gevolgen van de geweldplegingen, een techniek die bij het publiek diepere reacties moet uitlokken. Haneke illustreert dit op het einde van de film met een virtuoze scène, een onafgebroken shot van ongeveer tien minuten waarin een geknevelde Naomi Watts zichzelf en haar man probeert te bevrijden. In een Hollywood-thriller zou dat nog geen minuut in beslag nemen, maar in het hyperrealistische universum van Haneke is deze schijnbaar eenvoudige handeling een lijdensweg die uren lijkt te duren. In Funny Games (de realiteit?) maken de hoofdpersonages verkeerde beslissingen, is niemand inventief of slim genoeg om te ontsnappen en krijgt de kijker geen seconde respijt. Als het er ook maar even op lijkt dat de arme slachtoffers de bovenhand krijgen, zijn de maniakken hen te snel af. Ofwel spoelt Haneke zijn film genadeloos terug en stuurt hij zijn verhaal een andere kant uit.

Funny Games U.S. is echter meer dan zomaar een experiment of een zedenlesje. Haneke weet ook wel dat je een boodschap een beetje fatsoenlijk moet verpakken. De geweldige cast helpt hem daarbij uitstekend. Naomi Watts is bijzonder overtuigend als de doorsnee-huismoeder die plotseling geconfronteerd wordt met het gruwelijke geweld dat haar gezin overvalt. Tim Roth verdwijnt in de loop van de film wat naar de achtergrond, maar draagt enthousiast zijn steentje bij. Funny Games U.S. is echter de film van Michael Pitt, die schijnbaar zonder moeite in de huid kruipt van de koele, intelligente en gewelddadige maniak Paul. Zijn dubbelact met Brady Corbet is minstens even indrukwekkend, maar als Pitt het even alleen voor het zeggen heeft (of als hij het publiek met zijn koude ogen recht aankijkt), lopen de rillingen over je rug.

Opvallend is ook dat regisseur Haneke voor zijn remake de letterlijke aanpak heeft gekozen. De film is qua stijl en sfeer identiek aan zijn Duitstalige tegenpool. De decors, muziek, camerabewegingen en kleding van de hoofdrolspelers: alles is precies hetzelfde. Soms slim geüpdatet voor een Amerikaans publiek (tv-beelden van de Duitse DTM-kampioenschappen worden vervangen door NASCAR-races), maar in essentie onveranderd. Je zou zelfs kunnen zeggen dat deze remake daardoor overbodig wordt. In zekere zin is dat zo (zeker omdat ook de Duitstalige versie een absolute must is), maar aan de andere kant is deze Amerikaanse versie helaas onvermijdelijk. Want ook al vond Haneke tien jaar geleden reeds de ideale vorm voor zijn boodschap, de ‘ondertitelfobie’ van het Amerikaanse publiek heeft ervoor gezorgd dat net zijn beoogde doelgroep de film nooit heeft ontdekt. Dat hij het zaakje in het Engels moet overdoen met behulp van een Hollywood-superster, is slechts een kleine toegeving om nu ook overal ter wereld gehoor te krijgen.


Titel: Funny Games U.S.
Genre: Horror / Thriller
Speelduur: 1u52
Regisseur: Michael Haneke
Acteurs: Naomi Watts, Tim Roth, Michael Pitt, Brady Corbet, Devon Gearhart