Iedereen kent het gevoel van warmte in de onderrug wanneer een dijk van een kaart op tafel wordt gelegd. Tot je een tel later beseft dat je de volgende zet maar beter achterwege had gelaten. Het ene moment ben je een duimbreed verwijderd van een heus fortuin, even later zit je met een enorme schuldenberg en een logische drankverslaving als gevolg. Dat willen vijf jonge MIT-studenten vermijden door hun wiskundig brein in te schakelen en simpelweg de kaarten te tellen. Uiteraard wordt hun kennis daarbij zwaar op de proef gesteld, want het tempo aan de kaarttafels ligt onnavolgbaar hoog.
Nieuwe aanwinst in de groep is de jonge Ben Campbell (Jim Sturgess). Ondanks zijn brein, waarmee hij op een paar minuten tijd even de theorie van Newton onderuit haalt, leidt Ben niet zijn verhoopte leven. Hij heeft 300.000 dollar nodig om zijn toekomstige doktersstudies te kunnen bekostigen, durft het mooiste meisje van zijn campus niet aan te spreken, en trekt op met onpopulaire klasgenoten. Ben valt echter wel in de smaak bij zijn wiskundementor Micky Rosa (Kevin Spacey in goeden doen), die zijn begaafdheid ontdekt en in hem de absolute schakel ziet voor het Vegas-plan. Meer dan de aanlokkelijke gedachte om een fortuin te scheppen door gewoonweg zijn hersenen te gebruiken heeft Ben niet nodig. De beslissing is dan ook snel genomen.
Het plan: de ‘spotters’ zoeken de tafels uit, zetten klein in, en geven op het juiste moment een sein aan Ben, die dan op zijn eentje de tafel compleet naar zich toe kan trekken. Toch loert er gevaar om de hoek: de charmes van de oogverblindende schoonheid Jill Taylor (Kate Bosworth) en de aanzwellende waterval van geld geven Ben een onverhoopt gevoel van succes dat hem wel eens zuur zou kunnen opbreken. Of zoals Micky Rosa reeds vroeg in het verhaal waarschuwt: “Je zit hier om te tellen, niet om te gokken!”. Bovendien trekt het groepje bij gevaarlijk spel de aandacht van camerabewaker Cole Williams (Laurence Fishburne), die zijn adelaarsoog dan ook snel op de jonge kaarters laat vallen.
De plot lijkt misschien wat vergezocht, toch is het verhaal gebaseerd op waargebeurde feiten. Enkele jaren geleden haalde een groepje MIT-studenten de woede van het casino over zich heen toen ze bij het Blackjack de kaarten gingen tellen. In theorie kan men de studenten niet van oplichterij beschuldigen (kaarten tellen is nog altijd niet vals spelen), maar hun wiskundig brein ontneemt andere gokkers natuurlijk wel de kans om te winnen. Terwijl je als kijker over deze prangende vraag nadenkt, krijg je echter wel een aangenaam filmpje aangeboden, vol visuele hoogstandjes, maar evenzeer boordevol genreclichés. Regisseur Robert Luketic (van het afgrijselijke Monster-in-Law) is deze keer nochtans aardig op dreef. Het verhaal wordt langzaam opgebouwd, de kaarten glijden over de tafel alsof er boenwas werd overgesmeerd, en de sfeer is top. Ook de acteurs voelen zich duidelijk in hun sas. De jonge Jim Sturgess slaagt er (bijna) in om zijn personage niet als een wandelend cliché te laten overkomen, Kate Bosworths schoonheid en acteertalent gaan mooi samen, en oudgedienden Kevin Spacey en Laurence Fishburne behouden hun charisma. Toch mogen de studenten zich gelukkig prijzen dat ze niet met Robert De Niro uit Casino moeten afrekenen…
De opeenstapeling van clichés – en het zijn er heel wat - zorgt bij momenten voor een wrange nasmaak, maar voor wie zich daarover heen kan zetten, is het genieten geblazen. Al wordt de kijker bij verschillende Blackjack-momenten murw geslagen door de wiskundige berekeningen die uit de luidsprekers rollen. Samengevat: een aangenaam (formule)filmpje met genietbare acteerprestaties dat – laten we eerlijk blijven – het veel meer moet hebben van zijn visuele uitstraling dan van zijn krachtige uiteenzetting. Een visueel staaltje gezellige blufpoker!
Titel: 21
Genre: Thriller / Drama
Speelduur: 2u03
Regisseur: Robert Luketic
Acteurs: Jim Sturgess, Kevin Spacey, Kate Bosworth, Liza Lapira, Laurence Fishburne