LINHA DE PASSE

Tussen God en Koning Voetbal

Cinéart
Na een korte tussenhalte in de spookwereld met de J-horrorremake Dark Water staat Walter Salles vandaag weer met beide voeten in de realiteit. En die blijkt vaak waanzinniger dan fictie. In Linha de Passe dompelt de Braziliaanse cineast ons onder in de chaos van de São Pauliaanse favela’s, waar God en Koning Voetbal de scepter zwaaien.

In 1996, voor hij internationale faam verwierf met Central do Brasil en Diarios de motocicleta, draaide Salles samen met Daniela Thomas Terra Estrangeira, een zwart-wit thriller over jongeren in São Paulo. Met Linha de Passe keert het regisseursduo nu terug naar de metropool waar het allemaal begon.

Cleuza heeft het niet onder de markt. Overleven in São Paulo met een loon als poetsvrouw is al niet gemakkelijk, maar als je als alleenstaande moeder ook nog eens vier zonen moet onderhouden (met een vijfde kindje onderweg), dan wordt het helemaal moeilijk. De nakende degradatie van haar favoriete voetbalploeg Corinthians is voor Cleuza de spreekwoordelijke druppel, en ze zoekt haar toevlucht in de drank. Haar lieftallige zonen hebben intussen hun eigen katten te geselen. Reginaldo, de jongste, is geobsedeerd door bussen en door de gedachte dat hij in de miljoenenstad zijn vader zal terugvinden. Dario (Vinícius de Oliveira, het jongetje uit Central do Brasil) wil proefvoetballer worden. Hij heeft een uitstekende fysiek en techniek, maar mist het geld om de scout om te kopen. Denis werkt als brommerkoerier, maar heeft zelf een kindje te onderhouden. Om de eindjes aan elkaar te knopen, pikt hij af en toe een handtas. Ook Dinho worstelt met zichzelf. Hij is wat vervreemd, en zoekt zijn heil in het Christendom.

De levens van Cleuza en haar vier zonen worden ons aangeboden in een mozaïsche vertelstructuur die vijf maanden overspant. Salles en Thomas springen voortdurend heen en weer tussen verhaallijnen, maar geven hun personages ruimte om zich te ontwikkelen en tijd om hun queeste te ondernemen. De chronische afwezigheid van een vaderfiguur loopt als een rode draad doorheen de verschillende subplots. Dinho ziet een vervanger in God de Vader, terwijl Denis met de criminaliteit flirt. Voor Dario is voetbal de ultieme vorm van escapisme (een motief dat ook nadrukkelijk aanwezig is in The Year My Parents Went on Vacation van Salles’ landgenoot Cao Hamburger), terwijl Reginaldo zijn zoektocht en (psychologische) reis juist heel letterlijk opvat. Intussen zien we hoe Cleuza meer en meer ook de vaderrol op zich probeert te nemen.

In Linha de Passe staat het disfunctioneel gezin symbool voor de maatschappelijke chaos in São Paulo. Salles en Thomas vegen de problemen in de metropool en haar buitenwijken niet onder de mat. Armoede en corruptie tieren er welig, de sociale mobiliteit stokt, veel jongeren zoeken hun toevlucht in criminaliteit en drugs, bussen worden in brand gestoken, enz. De frustraties die daaruit voortvloeien worden weerspiegeld in de morele ambiguïteit van de personages. Dinho is daarvan de exponent bij uitstek. Hij stelt al zijn vertrouwen in de Heer, maar gaat uiteindelijk volledig door het lint.

Ondanks de onvermijdelijke verbeelding van armoede en geweld breekt Linha de Passe qua stijl en inhoud met andere recente favela-films als Cidade de Deus en Tropa de Elite, waarin de wapen- en drugscultuur alle andere motieven platwalsen. Het regisseursduo wil het vertekend beeld dat die films voorspiegelen corrigeren, en hanteert het voluntarisme als leidmotief (de Engelse titel van de film is niet toevallig Life Is What You Make It). De vier zonen zoeken elk afzonderlijk hun weg in het tranendal. Behalve de keukentafel hebben ze niet veel gemeenschappelijk. Ze leiden hun eigen leven en jagen hun eigen dromen na. Maar ze vervallen niet noodzakelijk in het destructieve. Religie en voetbal, in Brazilië sociale bindmiddelen bij uitstek, vormen voor de jongeren een tegengif tegen verzuring en inertie.

De parallellen tussen God en Koning Voetbal leveren overigens een interessantst element op in de cinematografie van de film. In de openingssequentie worden beelden van biddende Corinthians-supporters afgewisseld met fragmenten van zingende kerkgangers. In de slotsequentie laat het regisseursduo Dario’s vuurdoop – de eerste speelminuten bij zijn nieuwe voetbalclub – alterneren met scènes van Dinho die mensen doopt in zee. Maar ondanks het voorzichtige optimisme blijft er de hele film lang een dreigende ondertoon doorklinken. De bezwerende soundtrack van de Argentijnse componist Gustavo Santaolalla, die Oscars won voor Brokeback Mountain en Babel, en de dreigende onweerswolken boven de stad moeten ons eraan herinneren dat het gevaar altijd om de hoek loert.

‘Linha de Passe’ verwijst naar een term in het Braziliaanse sambavoetbal, waarbij spelers de bal naar elkaar doorspelen zonder dat hij de grond raakt. Volgens dezelfde techniek pakken Salles en Thomas de regie van de film aan: ze springen heen en weer tussen verhaallijnen, en houden ook op het einde de bal strak op de voet. Maar de losse eindjes worden niet aan elkaar geknoopt. Dat dit in zekere zin afbreuk doet aan de interconnectiviteit tussen de personages, neemt niet weg dat Linha de Passe een welgekomen alternatief is voor de favela-films tot nu toe, een alternatief waarin het kitchensink-realisme het van de complete chaos haalt.

Gezien op het 35ste Internationaal Filmfestival van Vlaanderen-Gent


Titel: Linha de Passe
Genre: Drama
Speelduur: 113 min
Regisseurs: Walter Salles en Daniela Thomas
Acteurs: Sandra Corveloni, João Baldasserini, Vinícius de Oliveira, José Geraldo Rodrigues, Kaique Jesus Santos