THE BOY IN THE STRIPED PYJAMAS

De Holocaust in pijama

Buena Vista
In de beoordeling van een literatuurverfilming staat één vraag centraal. Zeker niet of de film beter is dan het boek. Dat is even zinnig als onderzoeken of Mbark Boussoufa een betere tennisser is dan Tom Boonen. Waar het echt om draait, is de vraag of de filmversie dezelfde impact heeft als de roman. Is het een even groot commercieel succes? Schrijft de verfilming filmgeschiedenis zoals de roman een plaats veroverde in de literatuurgeschiedenis? Heeft het verhaal in de bioscoopzaal eenzelfde ontroerend, choquerend of betoverend effect als het boek?

Er zijn genoeg recente voorbeelden van films die het op alle vlakken ruimschoots afleggen tegen de roman. American Psycho, The Beach en The Perfume bijvoorbeeld. Op de keper beschouwd zijn dat zeer degelijke films. De ene is al wat beter dan de andere, maar het zijn eigenzinnige interpretaties van populaire belangrijke romans. De vertolkingen zijn sterk en de regisseurs hebben inventieve visuele oplossingen gevonden voor de als onverfilmbaar beschouwde elementen. Over twintig jaar zal het grote publiek de films waarschijnlijk vergeten zijn terwijl de boeken nog eens doorgegeven worden aan de volgende generatie. Filmmaker Tom Tykwer zal na zijn dood herinnerd worden als de maker van Lola Rennt, zoals van Danny Boyle eerder Trainspotting – ook een boekverfilming - zal opgenomen worden in retrospectieves dan The Beach. Das Parfum is het absolute meesterwerk van de Duitse zonderling Patrick Süskind. American Psycho is een schandaalroman. De herinnering aan de filmversies zal vervagen. Dat proces is eigenlijk al aan de gang.

Het omgekeerde geldt voor Jaws en Psycho. De films zijn absolute klassiekers. De romans waarop ze gebaseerd zijn, vergaren stof op de rekken van tweedehandswinkels.

De roman The Boy in the Striped Pyjamas van John Boyne verscheen in 2006. Op drie jaar tijd gingen wereldwijd meer dan vijf miljoen exemplaren over de toonbank. De jonge Ier schreef het boek in een roes. In anderhalve dag stond het verhaal op papier. Het boek dook onmiddellijk op in de bestsellerlijsten en doet dat nog steeds in ieder land waar een vertaalde versie op de markt komt.

Het bizarre is dat het boek in de Angelsaksische landen verkocht wordt als jeugdboek en in de rest van de wereld als een roman voor volwassenen. Dat is een rechtstreeks gevolg van de ambiguïteit van het werk. Wel, de film is bijna even moeilijk te duiden. Toen bekend raakte dat Disney de filmrechten had gekocht, brak paniek uit bij de fans van het eerste uur. Ten onrechte blijkt nu, want de verfilming blijft erg trouw aan de roman. Regisseur Mark Herman respecteert de opbouw en laat veel ruimte voor de alles overheersende dreiging, de ronduit grimmige sfeer, de hypocrisie van de ouders en de leugens.

Centraal staat Bruno: een achtjarige jongen die oorlogje speelt met zijn vriendjes uit de buurt. Hij woont in een prachtig huis in Berlijn. Hij heeft een zus van elf die zich al een hele vrouw voelt. Zijn moeder is huisvrouw, vader soldaat. Niet een die zelf schiet maar een die aan andere soldaten uitlegt wat ze moeten doen.

Het is 1942. Bruno krijgt te horen dat hij moet verhuizen. Zijn vader heeft promotie gemaakt. Het gezin trekt naar het platteland. Daar zal hij zeker nieuwe vriendjes maken, verzekert zijn moeder. De aankomst in het nieuwe huis is een ferme tegenvaller. Er zijn geen buren. Door het raam op zijn kamer ziet hij in de verte een boerderij. Alle boeren dragen dezelfde pijama.

The Boy in the Striped Pyjamas bekijkt de Holocaust door de ogen van een Duitse jongen. Hij is acht, leeft in een fantasiewereld, beseft niet wat er gebeurt, waar hij is en wat zijn vader doet. De kijker weet dat wel. Het verschil in kennis tussen het hoofdpersonage en het publiek – meer dan zestig jaar later – geeft een onbehaaglijk gevoel. Sympathiseren met de foute blijft een moeilijke kwestie maar er is in deze film geen ontkomen aan.

Historisch gezien zal er wel wat aan te merken zijn op het verhaal. Er zitten ook wat onwaarschijnlijkheden in, maar Mark Herman pretendeert op geen enkel moment een historisch document te maken. Zijn film heeft niet de allure van Schindler's List of The Pianist. Het is veeleer een eenvoudige, kleine en bescheiden film die zo sereen en eerlijk mogelijk probeert de rare hersenkronkels weer te geven van een kind dat opgroeit in extreme omstandigheden en onbewust betrokken is bij de grootste misdaad uit de wereldgeschiedenis. Helemaal geloofwaardig is het verhaal niet, maar het is dan ook Bruno’s interpretatie van de feiten. In alle naïviteit en onwetendheid verdraait hij de werkelijkheid. Kinderen geloven ook echt dat er spoken zitten onder het bed en dat er een piratenschat begraven ligt in de tuin. Wie niet aanvaardt dat kinderen anders redeneren dan volwassenen zal zich blauw ergeren.

Bruno is een kind en kinderen gaan op onderzoek uit. Ze verbreden hun wereld. Geïnspireerd door de avonturenboeken die hij leest, ontpopt Bruno zich tot een echte ontdekkingsreiziger. Zo komt hij in contact met het jongetje uit de titel. Die ontmoeting is het kantelmoment in de film. Bruno krijgt meer en meer aanwijzingen dat zijn vader hem niet de volledige waarheid vertelt over zijn baan. Hij voelt aan dat er iets niet klopt, maar hij weet niet wat. Daar is hij te jong voor. Van een 8-jarige kan je niet verwachten dat hij beseft wat er rondom hem gebeurt in de wereld van de volwassenen. Totale onschuld botst op onnoemelijke wreedheid.

Regisseur Mark Herman is een vakman. Dat bewees hij met het charmante Brassed Off en Little Voice. De Engelsman weet waar hij sterk in is en kent zijn beperkingen. Hij filmt rustig en verzorgd: klassiek, haast rustiek. Een kniesoor zou zeggen: 'wat een saaie boel'. Positiever en wellicht correcter is dat Herman de aandacht niet wil afleiden van het verhaal en dat hij zijn camera ten dienste stelt van de erg sterke cast. Echt grote namen ontbreken. Ook die zouden de aandacht alleen maar afleiden. David Thewlis is perfect als de vader / legerofficier. De Amerikaanse Vera Farmiga toont de kwetsbaarheid van een moeder die haar zoon beschermt en tot wie langzaam doordringt dat ze helemaal niet akkoord gaat met de ideeën van haar man. Ze weet evenzeer dat ze hem te graag ziet en te gehecht is aan de status die bij zijn functie hoort om hem daadwerkelijk te verlaten. Zoveel lef heeft ze niet.

In een film over een onmogelijke vriendschap tussen twee jongens zijn de vertolkingen van de kinderen cruciaal. Asa Butterfield (Bruno) en Jack Scanlon (Shmuel) zijn erg overtuigend. Ze worden uitstekend geholpen door de neutrale beeldregie die La Vita è Bella-gewijs vermijdt al te vaak in te zoomen op schattige, donkere kinderogen. Butterfield en Scanlon spelen vrij en onbevangen, alsof ze nooit iets anders gedaan hebben.

De uitzonderlijke vertolkingen – ook van coming man Rupert Friend en Amber Beattie – doen de zwakkere elementen van de film vergeten. The Boy in the Striped Pyjamas is een emotionele draaikolk. Eens meegesleurd kan je niet meer weg. Mark Herman bouwt op naar een dramatische climax. Hij doet dat heel behendig. Bruno's ontdekkingstocht is uitermate meeslepend. Mark Herman en Asa Butterfield dwingen niet alleen sympathie maar ook steun af: “Ga verder kleine, doe maar, trek je niets aan van wat je moeder zegt.” Intussen pakken de donkere wolken zich samen boven het huis. Het is wachten tot het onweer losbarst.

In de belangrijke slotscènes verliest Mark Herman de beheersing. Hij gaat volledig in overdrive. De dramatische Hollywoodiaanse toon vloekt met de intelligente opbouw. Wat subtiliteit had de film goed gedaan en had de ontknoping nog overrompelender gemaakt.

The Boy in the Striped Pyjamas is in alle stilte in de zalen gebracht. Daar leidt hij een sluimerend bestaan. Hopelijk krijgt de film hernieuwde aandacht wanneer hij uitkomt op dvd en kan een breder publiek de vele lagen in de film gaan interpreteren en naar hartelust discussiëren over de talrijke metaforen. Op de voorgrond staat een gezin, op de achtergrond speelt de Wir haben es nicht gewusst-kwestie, Befehl ist Befehl, geflirt met de Hitlerjugend, de frustratie over de verloren Eerste Wereldoorlog en de gesmoorde kritiek van Duitsers op het systeem en de Führer.

Eigenlijk is het een intriest, donker en tijdloos verhaal. Dat geldt zowel voor de film als voor het boek. De verfilming mist dat vleugje genie van een echte topregisseur om een verpletterende indruk te maken en een plaats in de filmgeschiendenis op te eisen naast bijvoorbeeld Louis Malle's Au Revoir les Enfants. Goed, maar niet briljant dus is de kans groot dat in de toekomst eerder naar The Boy in the Striped Pyjamas gerefereerd zal worden als een roman van John Boyne dan als een film van Mark Herman.


Titel: The Boy in the Striped Pyjamas
Genre: Drama
Speelduur: 1u31
Regisseur: Mark Herman
Acteurs: David Thewlis, Vera Farmiga, Asa Butterfield, Henry Kingsmill, Ivan Verebély, Domonkos Németh, Sheila Hancock, Rupert Friend