DE HELAASHEID DER DINGEN

De triomftocht begint in Reetveerdegem

Kinepolis Film Distribution
De Vlaamse filmherfst wordt gedomineerd door De Helaasheid der Dingen. Aan de verfilming van de succesroman van Dimitri Verhulst is niet te ontsnappen de komende weken en maanden. Met al dat hoerageroep en die ongebreidelde lofzangen op voorhand zal de film door iedere filmliefhebber aan de strengst mogelijke crash-test onderworpen worden. Hij zal slagen met grote onderscheiding. De Helaasheid is namelijk even meeslepend als onweerstaanbaar.

Achteraf is het natuurlijk gemakkelijk praten, maar waarschijnlijk was Felix Van Groeningen de enige Vlaamse cineast die in staat moest worden geacht om de verfilming van de Reetveerdegemse kroniek tot een goed einde te brengen. Met Steve + Sky en Dagen Zonder Lief had hij al bewezen dat hij diep in de soms morsige ziel van de Vlaming kan kijken. Zijn vorige films draaien rond niet-geslaagden in het leven – losers is zo'n vies woord. Van Groeningen portretteert hen zonder enige terughoudendheid als wroeters met een tragisch gebrek aan talent voor dagelijks geluk. Sukkels zijn het. Maar niet altijd. Het zijn ook goede loebassen en romantische zielen en Van Groeningen ziet hen graag.

In vergelijking met de familie Strobbe uit de Helaasheid der Dingen zijn Steve, Sky, Niek en de Kelly's stijf bourgeoisvolk. De 14-jarige Gunther is de centrale figuur in de roman en de film. De wittekop woont onder een dak met zijn vader Marcel en zijn drie ooms: Nonkel Koen, Nonkel Petrol en den Breejen. Gunthers vaders is postbode. De andere drie mannen zijn voltijds aan de drank. Zitten ze niet op café dan slapen ze hun roes uit of bestijgen ze een caféslons.

De familie Strobbe geeft de begrippen disfunctioneel en marginaal een nieuwe dimensie. De vier mannen leren Gunther drinken, roken en vuile klap verkopen. Hem opvoeden is van bijkomstig belang. Aanvankelijk heeft de prille tiener daar weinig last van. Hij geniet van de aandacht van de volwassen en amuseert zich in hun slipstream. Gunther is één echte Strobbe, een lid van de clan. Dat hij iedere dag straf moet schrijven laat hem koud. Dat de buitenwereld hem met de nek aankijkt, merkt hij niet eens.

Ontmoetingen met een aantal normale mensen – voor Gunther is dat zowat iedereen die minder dan één bak bier en één fles jenever per dag drinkt – doen hem langzaam inzien dat hij niet veroordeeld is tot een leven ver voorbij de rand van de maatschappij.

De grootste verdienste van scenaristen Christophe Dirickx en Felix Van Groeningen is dat ze de ziel en het karakter van de roman hebben gerespecteerd. Ook de film biedt die unieke mix van diepe menselijke ellende met uitbundige en hilarische komische scènes die een onbedwingbare lach forceren. Lachen, hardop, terwijl het eigenlijk om te janken is. De Helaasheid is geen film voor mietjes. De Strobbes zijn ook in de filmversie marginaal en asociaal tot in het diepste van hun vezels. De film is bovendien een pak dreigender en donkerder dan de roman.

Van Groeningen toont de familie zoals ze is zonder te vergoelijken en zeker zonder op hen neer te kijken. Hij doorprikt hun ranzigheid en filmt mensen. Voor de derde keer op rij pakt hij uit met een zinderende milieuschets en toont hij zich een uiterst creatieve sfeerschepper. De Helaasheid ziet er fantastisch uit met die retrodecors, waanzinnige kapsels en al die oude bierglazen (Krüger).

De vorm ligt helemaal in balans met de inhoud. De ultieme beheersing en dosering houden de film op het juiste spoor. Er zit veel smerigheid in en de pis-kak-stront-kak-momenten zijn niet op één hand te tellen, maar ze vormen een heel natuurlijk, organisch onderdeel van het verhaal. Zoals een film over een Formule 1-piloot niet werkt zonder raceauto's en pitspoezen kan De Helaasheid niet zonder platte en scabreuze flitsen.

De regisseur doet ook niet meer dan nodig is. Het warm water is al uitgevonden. Vertrekkend van een stevig, klassiek opgebouwd scenario laat hij de nodige ruimte aan zijn indrukwekkende cast om uit te excelleren. Van Koen De Graeve hebben we lang nog niet alles gezien. Zijn verschijning als drankverslaafde, door liefdesverdriet verteerde, liefhebbende vader is imposant. Hij heeft met Celle een personage gecreëerd dat in een fractie van een seconde van een tedere lamme goedzak verandert in een bloedlinke psycho die rijp is voor het gesticht. Gunther – een complexloze vertolking van de jonge Kenneth Vanbaeden – vergeeft zijn slechte vader veel omdat hij ergens in zijn binnenste wel weet dat hij zijn best doet maar voorlopig niet beter kan. Celle is een monumentaal vulkanisch filmpersonage: humor, charme, tragiek, agressiviteit in één man.

Koen De Graeve is omringd door erg complementair talent: Bert Haelvoet, Johan Heldenbergh, Wouter Hendrickx en niet te vergeten Gilda De Bal spelen niet zo maar Strobbes maar zijn het geworden tijdens de opnames. Ze hebben niet allemaal even veel tekst, maar maken indruk als perfect op elkaar ingespeelde ensemblecast.

De razend knappe vertolkingen en de machtige opbouw van het scenario krijgen extra glans door het beweeglijke camerawerk van Ruben Impens, de dynamische montage van Nico Leunen en de soundtrack van Jef Neve.

Laat de triomftocht van De Helaasheid der Dingen beginnen. Perfect is hij niet – hij had compacter gekund en de voice-over heeft niet altijd even veel toegevoegde waarde – maar Felix Van Groeningen en co hebben getekend voor een nieuw absoluut hoogtepunt in de Vlaamse cinema. Schol!

Gezien op het 36ste Internationaal Filmfestival van Vlaanderen-Gent


Titel: De Helaasheid der Dingen
Genre: Drama
Speelduur: 1u47
Regisseur: Felix Van Groeningen
Acteurs: Kenneth Vanbaeden, Koen De Graeve, Valentijn Dhaenens, Bert Haelvoet, Johan Heldenbergh, Wouter Hendrick, Gilda De Bal, Sara De Bosschere, Natali Broods