MICMACS A TIRE-LARIGOT

Te weinig hocus in de pocus

Cinéart

Micmacs à tire-larigot is zever in pakjes: onzin, nonsens, bullshit en onnozelheid in overvloed. Exact zoals de moeilijk te vertalen titel belooft. De nieuwe van Jeunet is anders dan zijn vorige en toch helemaal hetzelfde. Gelukkig maar.

De karakteristieke visuele stijl van de Franse grootmeester is vanaf het eerste shot herkenbaar. Ook de magische verbeeldingskracht, de barokke decors, het rijke taalgebruik en de expressionistische stijl van de acteurs komen erg bekend voor. Het enige dat ontbreekt, is de poëzie.

Naast de monsterhit Le fabuleux destin d'Amélie Poulain en de zwaar onderschatte literatuurverfilming Un long dimanche de fiançailles lijkt Micmacs à tire-larigot een kleinere, minder ambitieuze film. Niets is minder waar. Jean-Pierre Jeunet doet niet aan simpel of gemakkelijk. Het verhaal mag dan wel (v)luchtig zijn, de Fransman vertelt het met een enthousiasmerende passie.

Het verhaal draait rond twee kogels. De eerste treft de vader van Bazil in het hoofd. De tweede doorboort Bazils eigen hersenpan. Hij overleeft de schietpartij op miraculeuze wijze, maar de kogel kan niet verwijderd worden waardoor Bazil het risico loopt ieder moment dood te vallen. Wanneer de doodbrave ziel ontslagen wordt uit het ziekenhuis heeft hij niets meer. Geen huis, geen werk, geen geld, geen leven of toekomst.

Een groep daklozen neemt hem op in hun midden. Eens tot rust gekomen besluit Bazil om wraak te nemen op de fabrikanten van de kogels die zijn leven verwoest hebben. Geheel toevallig blijken het buren en elkaars grootste concurrenten... Met zijn nieuwe vrienden vormt Bazil een bijzondere privémilitie die de strijd aangaat tegen de oppermachtige industriëlen.

De vraag in dit soort films is niet of de underdog het wel gaat halen maar hoe dat zal gebeuren. Het antwoord formuleren lijkt een kolfje naar de hand van Jeunet. Hij brengt een aantal excentriekelingen bij elkaar in een prachtige ondergrondse schuilplaats waar ze alle tijd hebben om een onfeilbaar plan te smeden. Iedere zwerver heeft een uniek talent dat zich uitstekend leent om de cynsiche wapenhandelaars de duivel aan te doen.

Er zit een boodschapje in de film maar Micmacs is in de eerste plaats een pretentieloze komedie. Een die bewijst dat een komedie pas werkt als de regisseur zijn werk zelf heel serieus neemt. En dat is zeker het geval. De luxueuze cast is daarvan een bewijs. Dany Boon – regisseur, scenarist en acteur in de kaskraker Bienvenue chez les Ch'tis – speelt de hoofdrol als slome anti-held. Hij wordt geflankeerd door de grote André Dussolier en de al even monumentale Jean-Pierre Marielle. Twee zwaargewichten die de perfecte uitstraling hebben om hun verrotte personages een extra cachet te geven. Topacteurs bevolken Bazils crew. Yolande Moreau, Omar Sy en Jeunet-habitué Dominique Pinon vallen het meest op.

Visueel is Micmacs van een even hoog niveau als Jeunets vorige werk, al zal niet iedereen dol zijn op de gelige schijn over de beelden. Jeunet geeft bekende locaties in Parijs een nieuwe aanblik en heeft zich helemaal uitgeleefd in de vormgeving van de uitvalsbasis van de zwervers.

Het ziet er knap, verbluffend, oogstrelend, slim en ingenieus uit maar het geheel mist dat tikkeltje extra dat Amélie bijvoorbeeld wel heeft. Zou het enkel te maken hebben met de afwezigheid van Audrey Tautou? Het meisje met de ree-ogen belichaamt als geen ander de sprookjesachtige naïviteit die Jeunets films zo uniek maakt. Geen kwaad woord over Dany Boon die het uitstekend doet. De kerel is ontwapenend, knuffelbaar en grappig. Hij is ook erg menselijk en dat is net wat de film de das omdoet. Zijn alledaagsheid staat de magie in de weg. Hij is te gewoon in een buitengewone film, te normaal voor het larger-than-life gehalte van de film.

Dany Boon is dus tegelijkertijd de grote troef en de zwakste schakel. Omdat zijn personage te realistisch is, komen ook de doldwaze actiescènes niet helemaal uit de verf. Jeunet vuurt het ene salvo na het andere af. Er is altijd iets te beleven: visueel of verbaal. Het tempo ligt waanzinnig hoog, tijd om op adem te komen is er niet.

De technische virtuositeit verhult nauwelijks de onbenulligheid van het verhaaltje dat maar niet wil beklijven. Lachen, ja dat kan wel en vaak. Verbaasd opkijken van een briljante vondst ook, maar de film ontwikkelt zich nooit tot een draaikolk die je helemaal meezuigt. Micmacs is te vrijblijvend om te beklijven. Veel meer dan een intelligente variant op Ocean's Eleven of zelfs Revenge of the Nerds is het eigenlijk niet. De wervelende opeenvolging van fraaie scènes mist coherentie, ziel en de poëtische Jeunet-touch die van klinkklare onzin kunst maakt. Noblesse oblige. Entertainment brengen is niet goed genoeg voor een filmtovenaar als Jeunet.