LES HERBES FOLLES

Het laatste kunstje van Alain Resnais

Victory Productions

Het is de week van André Dussollier. Naast zijn opvallende bijrol in Jean-Pierre Jeunets Micmacs à Tire-larigot is hij nu ook te zien in Les Herbes Folles van Alain Resnais. De films hebben belangrijke overeenkomsten: het zijn vederlichte komedies van grote namen uit de Franse cinema die allebei tegenvallen en waarin Dussollier stevig overeind blijft.

Les Herbes Folles is het laatste kunstje van Alain Resnais. Er is logischerwijze nogal wat te doen om diens leeftijd. De regisseur is 87. Dat is stokoud. Zelfs opa's die in alle rust genieten van hun pensioen krijgen dan last van kwaaltjes en pijntjes. Resnais blijkbaar niet. Of misschien wel, maar die verhinderen hem niet om verder te blijven werken. In zijn loopbaan kreeg hij acht nominaties voor een César als beste regisseur, vier daarvan zijn voor films die hij in de jaren negentig en 2000 maakte. Deze man is niet aan het uitbollen.

De ouderdom van een regisseur is eigenlijk volstrekt irrelevant. Aan een film kan je niet zien of de maker 22 is of 102. Een film deugt of hij deugt niet. De maker heeft talent of is een prutser. Wie het op zijn dertigste niet kan, zal op zijn zestigste geen geniaal meesterwerk draaien. Resnais heeft zijn meesterwerken al gemaakt: Hiroshima mon amour, L'année dernière à Marienbad, Mon Oncle d'Amérique en recenter On Connaît la Chanson. Les Herbes Folles is allesbehalve een meesterwerk.

De verfilming van de roman van Christian Gailly is speels, vrolijk, amusant, leuk en geestig. Dat is toe te juichen, mocht het niet zo hopeloos geforceerd zijn. Resnais' drang om te bewijzen hoe slim en grappig hij (nog) is, hindert de natuurlijke ontwikkeling van het verhaal. De oude man wil per se wil bewijzen dat hij nog frivool en jong van geest is.

Het begint nochtans eenvoudig en intrigerend. Een voice-over stelt Marguerite (Sabine Azéma) voor, een goed gesoigneerde dame van in de vijftig die uren en uren shopt tot ze de perfecte schoenen vindt. Wanneer ze eindelijk het geschikte paar te pakken heeft en opgelucht de winkel verlaat, wordt haar handtas gestolen. De gauwdief laat haar portefeuille achter in de parkeergarage van een commercieel centrum net buiten Parijs. Daar wordt hij opgeraapt door Georges Palet (André Dussollier) die niet onmiddellijk weet wat hij er mee zal doen. Zelf de vrouw contacteren of braafjes naar de politie gaan. De eerste oplossing is spannend (zomaar bellen naar een vreemde vrouw), de tweede veiliger. Alhoewel. Palet heeft schrik van de politie. Wat als ze hem herkennen?

Het laat zich raden wat er gaat gebeuren. De spanningsopbouw zit voornamelijk in het onvoorspelbare karakter van de personages. Marguerite is een zelfbewuste tante. Haar tandartspraktijk draait goed. In haar vrije tijd knapt de amateur-pilote een oud sportvliegtuigje op. Op het eerste gezicht heeft ze geen behoefte aan een man in haar leven. Op het tweede gezicht ook niet.

Van zijn kant heeft Palet ook niet echt een nieuwe vrouw nodig. Hij is al getrouwd, heeft kinderen en woont in een mooi huis. Maar hij kan zijn nieuwsgierigheid niet overwinnen en roept zo het onheil op zich af. Zijn chaotische geest en neurotische gedrag helpen hem niet om uit de problemen te blijven.

André Dussollier en Sabine Azéma werken voor de achtste keer samen met Alain Resnais. Ze voelen zich kiplekker in hun rollen. Hun vertolkingen stralen vertrouwdheid en beheersing uit. Ze halen veel meer uit hun personages dan er eigenlijk in zit. Vooral Dussollier roept in het begin van de film veel vragen op over zijn niet nader verklaarde verleden. Is hij echt gevaarlijk of doet hij maar een beetje raar? Het blijkt lekker vaag. Azéma's personage is rechtlijniger en voorspelbaarder. Alleen al haar bizarre kapsel geeft de ervaren filmkijker een (te) goede indicatie van de richting die de film zal uitgaan.

Overeind blijven in een film die niet zo sterk is, is wat heuse filmsterren onderscheidt van andere acteurs en actrices. Azéma en Dussollier zijn echte sterren. Zij mogen de pluimen op hun hoed steken. Mathieu Almaric, Anne Consigny en Emmanuelle Devos delen mee in de complimenten.

De cast verdient meer lof dan de regisseur die zijn verhaal verzuipt in effecten en doorzichtige truukjes. De voice-oivers zijn totaal overbodig. De herhalingen en monologues intérieures werken op de zenuwen, de geforceerde fotografie en montage sorteren het tegenovergestelde effect. In plaats van mooi en origineel, zijn ze vermoeiend en vergezocht. Resnais heeft alles uit zijn trukendoos gehaald. Telkens de film aan vaart wint, komt Resnais met een nieuwe vondst. Al dat leukige gedoe is hinderlijk.

De Fransman doet zo hard zijn best om een warm, kleurrijk universum te creëren dat hij het overzicht verliest en het verhaal de samenhang verliest. De verhaallijnen van zijn romantische komedie waaieren alle kanten uit zodat ze aan gewicht en belang inboeten. Als ode aan de cinema en het filmmaken zelf is Les Herbes Folles te bleek, om een absurdistische komedie te zijn is hij niet absurd en zeker niet grappig genoeg. Het romantische aspect komt al evenmin van de grond.

Dat een man met zijn ervaring zo'n onvolwassen halfbakken film aflevert is verbazingwekkend. Met Les Herbes Folles neemt hij afscheid in mineur. Wat een frisse, spitante film had kunnen zijn, is verworden tot een onevenwichtige, (dol)dwaze mislukking. Wie levende legende Alain Resnais wil leren, kan beter naar de videotheek gaan dan naar de cinema.

Gezien op het 36ste Internationaal Filmfestival van Gent


Titel: Les Herbes Folles
Genre: Komedie
Speelduur: 1u44
Regisseur: Alain Resnais
Acteurs: André Dussollier, Sabine Azéma, Emmanuelle Devos, Anne Consigny, Michel Vuillermoz, Mathieu Amalric en Roger Pierre