Na zijn Amerikaanse avontuur en trok Bornedal in 2002 naar Noorwegen om er het aangrijpende drama I Am Dina in te blikken, met onder meer Gerard Depardieu, Christopher Eccleston en Mads Mikkelsen. Na een lange rustpauze keert hij in 2007 terug met twee films: het drama Kærlighed på Film (Just Another Love Story) en de internationaal bekroonde jeugdfilm Vikaren (The Substitute), waarin Paprika Steen een invaljuf speelt die wel eens van een andere planeet zou kunnen komen.
In zijn nieuwste film, de thriller Fri Os fra det Onde (Deliver Us from Evil), vertelt Bornedal het verhaal van een paar dronken smeerlappen die een gezin belagen. Beruchte wraakfilms als Straw Dogs, The Last House on the Left of Death Wish zijn nooit ver weg, en net als zijn illustere voorgangers is Fri Os fra det Onde een brok keiharde cinema.
Als we Ole Bornedal ontmoeten, kon het contrast met zijn jongste film niet groter zijn. Bornedal is gereserveerd, spreekt zachtjes en heeft zijn twee schattige dochtertjes op sleeptouw. De oudste van de twee, Fanny, heeft een rol in de film, maar Bornedal drukt ons op het hart dat het nog even zal duren voordat dochterlief de film te zien krijgt. “Daarom heb ik Vikaren gedraaid”, vertelt hij. “Da's echt iets voor kinderen, ook al is het soms behoorlijk griezelig.”
U bent er met Vikaren in geslaagd om het evenwicht te vinden tussen wat kinderen eng vinden en wat geschikt is voor hen.
Dat was de bedoeling. Vikaren moest niet alleen gaan over een vervangjuf die levende kippen eet, maar ook over dingen waar kinderen echt bang voor zijn, bijvoorbeeld dat hun ouders hen niet geloven. In de film ontdekken de kinderen dat hun juf een buitenaards wezen is, maar uiteraard lachen hun ouders dat weg. De ultieme nachtmerrie voor een kind! Net als de angst om je ouders te verliezen. In de film komt de moeder van het hoofdpersonage Karl om in een verkeersongeluk en moet de jongen zich langzaam optrekken uit dat donkere, trieste dal waarin hij beland is. Geen gemakkelijke kost, maar ik was verbaasd dat de film zo aansloeg. Op een groot Zweeds jeugdfilmfestival won de film twee prijzen: de prijs van de kinderjury en de prijs van de Zweedse kerk. De bisschop van Malmö, een klein dik vrouwtje, kwam al huilend naar me toe en zei dat ze Vikaren een van de mooiste films vond over verdriet die ze ooit had gezien. Ik ben best trots dat de film werkte als spannende avonturenfilm, maar dat de mensen ook het filosofische, existentiële kantje hebben opgemerkt.
En dan nu de remake.
Sam Raimi gaat die produceren. Het zal mij benieuwen.
Hebt u zelf creatieve input?
Nee, eigenlijk niet. Tenzij Raimi me opbelt en erom vraagt. Maar het kan me eigenlijk niet zoveel schelen.
Het kan u niets schelen?
Ik heb de film al eens gemaakt. Ik geloof dat Marc Lawrence de remake zal regisseren, maar hij mag er van mijn part mee doen wat hij wil. Het is niet meer mijn verhaal. Het enige dat ik Sam Raimi heb gevraagd, is dat hij moest zoeken naar jonge acteurs die zich ook echt als kinderen kunnen gedragen. In veel Amerikaanse jeugdfilms zie je kinderen die veel te perfect zijn. Ik wil in mijn film absoluut geen superkinderen die zich gedragen als Brad Pitt of Angelina Jolie. Raimi was van plan om hierop te letten, dus ik hoop dat hij dat doet.
Toch is het verrassend dat u niets met deze remake te maken wilt hebben, terwijl u 15 jaar geleden naar Hollywood bent gegaan om de remake van Nattevagten te draaien. Waarom deed u dat toen wel?
Dat was een buitenkans die ik niet kon laten liggen. Elke Europese filmmaker droomt ervan om eens in Hollywood te werken. Behalve misschien een paar arthouseregisseurs die Amerikaanse films haten. Al vraag ik me af of die wel bestaan (lacht). Hoe kun je Amerikaanse films haten? Er wordt natuurlijk een hoop troep gedraaid, maar we kunnen niet ontkennen dat de belangrijkste films uit Amerika komen. Als je bovendien serieus geïnteresseerd bent in film, is een uitnodiging om in Hollywood te komen werken natuurlijk te mooi om waar te zijn. Ik moest wel ja zeggen. Het enige probleem voor mij was dat ik dezelfde film nog eens opnieuw moest draaien. Als ik naar een filmset ga, weet ik precies wat er moet gebeuren. Ik ken m'n script door en door, ik weet wat ik van de acteurs verwacht. En toch heeft elke draaidag weer verrassingen in petto. Dat is magie. Toen ik Nattevagten voor de tweede keer ging maken, was de magie eraf. Ik had ineens alle antwoorden op alle vragen en dat maakte het een nogal steriele ervaring. Er zijn maar een paar regisseurs die naar Amerika zijn gegaan om daar hun eigen films opnieuw te maken. Ik snap waarom. Het eindresultaat is nooit waar je op hoopt.
Lag het aan het feit dat u van de Amerikaanse producent Miramax niet alle vrijheid kreeg?
Nee, dat viel wel mee. De manier van werken is daar ongeveer hetzelfde als in Europa. Je komt gewoon andere problemen tegen. Verder maakt het niet uit of je werkt met Gérard Depardieu, Mads Mikkelsen of Nick Nolte. Wel ga ik in de toekomst enkel nog internationale producties draaien. In Denemarken zal ik uitsluitend gaan produceren, niet meer regisseren.
Waarom?
Eigenlijk omdat ik het niet zo interessant vind om Deense films te draaien. We leven in een gemondialiseerde wereld en als ik een film zie, kan het me niks schelen waar die gemaakt is. Ik denk niet noodzakelijk in termen van Deense, Franse of Amerikaanse film. Het enige wat voor mij telt, is of het een goede of een slechte film is. In dat opzicht kan het me ook niet schelen waar ik mijn films maak. De volgende film die regisseer is de thriller Death of a Hostess, geproduceerd door Takashige Ichise (de Japanse producent van onder meer The Ring en The Grudge, nvdr.). En die ga ik opnemen in Tokio.
Met uw nieuwste film Fri Os fra det Onde verwijst u duidelijk terug naar de Amerikaanse wraakfilms van de jaren 70. Hoe is die film tot stand gekomen?
Fri Os fra det Onde is eigenlijk ontstaan uit mijn obsessie met film. Een klassiek thema dat in de filmgeschiedenis vaak terugkomt, is het contrast tussen “binnen” en “buiten”, “zij” en “wij”. Je kent het wel: mensen die wraak willen nemen op iemand die in hun ogen iets slechts heeft gedaan, terwijl net zij door hun gewelddadige acties de slechteriken worden. Straw Dogs van Sam Peckinpah was het voorbeeld bij uitstek. Hoe meer ik aan het script werkte, hoe meer ik begon te beseffen dat het een uiteenzetting werd van wat kwaad precies is. Daarin vond ik een interessante parallel met onze realiteit. De afgelopen tien jaar hebben George Bush en Tony Blair ons verteld dat “wij” de goeden zijn en “zij” de slechten. Dat is natuurlijk een leugen. Iemand die naar iemand anders wijst en zegt dat die persoon slecht is, moeten we wantrouwen. Als je wilt weten hoe de mens in elkaar zit, moet je namelijk beseffen dat we zowel goede als kwade eigenschappen in ons dragen. Er is zelfs niet veel voor nodig om dat kwaad op te roepen. Neem ons nu. Wij zitten hier gezellig om de tafel te kletsen, maar voor hetzelfde geld gebeurt er straks iets waardoor we elkaar de kop inslaan. Het leven is een aaneenschakeling van gebeurtenissen en als er ergens iets misloopt, zijn de gevolgen vaak niet te overzien. In het dorp waar Fri Os fra det Onde zich afspeelt, heb je het contrast tussen de zachtaardige, hoogopgeleide advocaat en zijn mislukte broer, een onsympathieke skinhead die iedereen haat. Ik wilde dat contrast met opzet benadrukken, ook al is dat in mijn land politiek totaal niet correct. Het is daar niet de gewoonte om tuig zomaar als tuig af te schilderen; je moet de reden geven waarom ze zo zijn geworden. Slechte ouders, armoede, ongelukkige jeugd, meer van dat soort onzin. Daar wilde ik niet aan meedoen. Ik heb in de film geen greintje sympathie voor die mensen, ik laat hen zien zoals ze zijn: klootzakken die vreemdelingen haten. Ik laat de hoofdpersoon het zelfs letterlijk zeggen “Ik heb heel mijn leven mijn best gedaan om niet te worden zoals jullie. Want wie wil er zo zijn?” Om die reden was de film in Denemarken nogal controversieel. In onze brave democratie willen de mensen niet geprovoceerd worden.
Is die duisternis in Fri Os fra det Onde een weerspiegeling van je eigen wereldbeeld?
Oh nee, integendeel. In mijn ogen is de wereld een heerlijke, prachtige plek om te leven. Maar ik vond wel dat dit verhaal en dit thema compromisloos gebracht moesten worden. Toen ik aan het schrijven was, zag ik al gauw dat ik tot het uiterste moest gaan om mijn punt te maken. Ik vind de film zelfs te wreed, maar zo moest het nu eenmaal. Ik kon het project ook niet benaderen als een commerciële film. Als ik een film voor een breed publiek had willen maken, had ik het verhaal en de personages eenvoudiger moeten houden. Dat heb ik niet gedaan, en de Denen konden er weinig mee. Gelukkig gaat de film nu de wereld rond en vindt hij zijn publiek. Maar je hebt gelijk hoor, het is een duistere prent. Een tijdje geleden zag ik hem met een Frans publiek en beleefde ik hem weer helemaal opnieuw. Toen besefte ik ook dat ik het einde haatte. Te donker. Maar het kon niet anders.
De hoofdrol in Fri Os fra det Onde wordt gespeeld door Lene Nystrøm, vroegere de zangeres van de popgroep Aqua. Was u niet bang voor de bagage die ze met zich meebracht?
Nee, eigenlijk niet omdat alle acteurs in de film amateurs of debutanten zijn. In eerste instantie wilde ik Mads Mikkelsen en Viggo Mortensen voor de hoofdrollen, maar toen die niet vrij waren, besloot ik om allemaal onbekenden te casten. Lene vond ik erg geschikt omdat ze me deed denken aan de typische Hitchcock-vrouw: zacht en kwetsbaar. Ze was ook niet bang om tot het uiterste te gaan.
We zien de laatste jaren veel duistere, pessimistische films. Hoe komt dat volgens u?
Ik heb echt geen idee. Maar het is vreemd. De twee beste films van het afgelopen jaar waren gelukkig erg positief. Ik was zeer onder de indruk van Avatar, vooral dan van de technische kant. En qua script was ik ondersteboven van Up. Dat is volgens mij een van de beste scripts ooit. Zo positief! Echt geweldig om samen met mijn kinderen te zien. Vandaar dat ik vanaf nu alleen nog maar komedies ga schrijven. (lacht) Het is goed voor je hart om af en toe eens te ontsnappen uit de duisternis.
We hoeven ons dus geen zorgen om u te maken?
Nee, nee, helemaal niet! (schatert) Ik probeer gewoon een evenwicht te vinden tussen donker en licht. Ik ben zeker niet zoals mijn landgenoot Lars Von Trier. Die vertoeft voortdurend in de schaduw en ik weet dat hij daar een hoge prijs voor betaalt. Daar moet je voor opletten. Als je een ernstige filmmaker probeert te zijn, moet je je hart en je ziel in je werk leggen. Je moet een stuk van jezelf opofferen. Maar als je te ver gaat, demoniseer je jezelf en zijn de psychologische gevolgen niet meer te overzien. Vergelijk het met werken in een chemische fabriek. Als je jezelf niet beschermt, word je vergiftigd. Antichrist heb ik na 44 minuten uitgezet omdat ik er niet meer tegenkon. Ik had er niets aan. Ik weet dat ook Fri Os fra det Onde erg duister is, maar die film bekijkt de wereld vanuit een menselijk perspectief. Het gaat over mensen, kinderen, racisme; thema's waar we iets mee kunnen. Antichrist was in mijn ogen meer een video-installatie. Begrijp me niet verkeerd: ik ben dol op videokunst, en ik vind dat Von Trier prachtige video-installaties maakt. Maar zijn films zijn zo verstoken van menselijk emoties dat ik er niets meer in zie. Enkel duisternis. En dat wil ik niet zien. Ik hoef niet in het hoofd van Von Trier te zitten. Ik respecteer hem enorm als cineast, maar zijn leefwereld is me te somber. Datzelfde gevoel had ik na het zien van Salò o le 120 Giornate di Sodoma van Pasolini. Het is net alsof je naar een pornofilm zit te kijken. Ik zie liever dat een artiest of filmmaker het meest gruwelijke onderwerp dat je je maar kunt indenken, omvormt tot iets wat ons inspireert en ons aanzet tot denken. Als we het kunnen begrijpen, kunnen we het verwerken. Als je dat als filmmaker kunt bereiken, ben je in mijn ogen een groot kunstenaar.
Fri Os fra det Onde (Deliver Us from Evil) speelt vanaf 6 mei in de Nederlandse bioscopen.