MUZIEK MAESTRO!

Filmmuziek tijdens het Gentse Filmfestival

(c) Filmfestival / Luk Monsaert

Naar goede gewoonte stond het 37ste Filmfestival van Gent weer helemaal in het teken van de filmmuziek. Met de nadruk op deze onderschatte en te vaak genegeerde tak van de filmindustrie willen de organisatoren de mannen en vrouwen aan de piano's en in de opnamestudio's in de spotlights zetten. Het bezorgt het filmfestival de nodige internationale bekendheid en maakt het meteen uniek; nergens anders vestigt men zoveel aandacht op het genre.

Op 21 oktober vond in het Kuipte te Gent het concert van John Barry plaats. De ondertussen gepensioneerde componist (zijn laatste film – Enigma – dateert alweer uit 2001) kon wegens gezondheidsredenen jammer genoeg niet aanwezig zijn maar dat mocht de pret niet drukken. Zijn vaste dirigent Nicholas Dodd nam de honneurs waar en trad aan voor het Vlaams Radio Orkest; terwijl vaste dirigent en leider Dirk Brossé ditmaal vanuit het publiek mocht meekijken en vooral meeluisteren.

Na enkele introductiepraatjes werd de huidige Bond-componist David Arnold (die tijdens de World Soundtrack Awards Barry's Lifetime Achievement Award in ontvangst mocht nemen) op het podium verzocht en hij zei meteen wat het publiek al de hele tijd zat te denken: over de muziek van Barry moet je niet praten; daar moet je naar luisteren. En zo voegden de getalenteerde muzikanten meteen de daad bij het woord. 

007
Wat volgde was een aaneenschakeling van enkele van Barry's bekendste thema's. Zoals te verwachten viel lag de focus vooral op James Bond en werd Barry als dé Bond-componist bij uitstek opgevoerd. Hoewel wij dat hier niet in twijfel gaan trekken (de man schreef tenslotte de muziek voor maar liefst elf Bondfilms; van Dr. No tot en The Living Daylights), dienen we toch een kritische kanttekening te plaatsen. Het wereldberoemde en tijdens het concert herhaaldelijk opgevoerde James Bond-thema is niet van de hand van Barry maar werd geschreven door Monty Norman. Barry is wel verantwoordelijk voor de orkestratie van datzelfde thema maar schreef dus niet de noten op papier. Later schreef hij wel zijn eigen 007-thema maar het iconische, opzwepende deuntje is niet van zijn hand en we vonden het dan ook een beetje wrang dat net dit thema tijdens het concert zo vaak werd gespeeld.

Verder niets dan lof: het Vlaams radio Orkest gaf het beste van zichzelf zoals we dat doorheen de jaren ondertussen gewoon zijn geworden en de muziek werd haarscherp, foutloos gebracht. Vooral iets minder bekende fragmenten uit films als Zulu, Body Heat en Chaplin vielen in de smaak. Verder werd er veel aandacht besteed aan Dances With Wolves, Out of Africa, Born Free en het fantastische Midnight Cowboy. Stuk voor stuk wereldberoemde composities die zelfs filmmuziek-leken zullen herkennen.

Tegenvaller
Het is misschien jammer dat er niet was gekozen voor enkele minder bekende werken en dat de muziek amper afweek van de overbekende thema's. Zo zullen er waarschijnlijk weinig weten dat Barry ooit de muziek schreef voor een King Kong-remake uit de jaren '70. Liefhebbers van Barry's verborgen juweeltjes zullen misschien wel een beetje teleurgesteld de zaal hebben verlaten. En dat als bisnummer nogmaals het dus niet door Barry gecomponeerde Bond-thema werd herhaald was evenzeer een tegenvaller.

Ondanks deze kritiek blijven we toch overwegend positief. We hadden misschien graag meer gehoord maar wat we te horen kregen was nagenoeg perfect.

Prijsuitreiking
Het concert van John Barry bleek echter maar een voorsmaakje van wat volgde want twee dagen later, op 23 oktober, barstte in datzelfde Kuipke de tiende editie van de World Soundtrack Awards los. Deze prijsuitreiking wordt soms wel eens de Oscars van de Filmmuziek genoemd en dit jaar was deze beschrijving nog meer dan anders bijzonder accuraat.

Negen componisten (oorspronkelijk tien maar Alberto Iglesias was druk aan het werk aan de nieuwste van Almodovar, zo werd ons verteld) lieten er een staaltje van hun kunnen horen én zien. Ze werden voorafgegaan door de obligate prijsuitreiking die helemaal niet zo saai of traag was als we hadden gevreesd.

De speciaal voor de WSA door wijlen Elmer Bernstein gecomponeerde openingsfanfare zette meteen de toon en gaf ons allemaal het gevoel dat we ergens in Hollywood naar een groots gebeuren zaten te kijken.

Daarna kregen we de korte animatiefilm Administrators van Roman Klochnov te zien. Hier was een wedstrijd aan verbonden – de Sabam Award for the most original composition by a young European Composer – en de muziek van de winnaar Karzan Mahmood werd live gespeeld tijdens de vertoning van de film. Wie bedenkt dat het hier om een allesbehalve eenvoudige, voortdurend met ritme spelende “score” gaat (echte cartoon-muziek dus), beseft dat het Vlaams Radio Orkest en frontman Dirk Brossé meteen het onderste uit de kan mochten halen. De muzikanten kweten zich uitstekend van hun taak en we konden tijdens de rest van de avond niet een valse noot detecteren.

Onder de winnaars twee maal de productieve Alexandre Desplat (die met de Best Original Score voor The Fantastic Mr. Fox én de prijs voor Composer of the Year aan de haal ging) en een duidelijk nerveuze Abel Korzeniowski (hij won de Public Choice Award en de Discovery of the Year 2010 Award voor A Single Man). De ontdekking van vorig jaar – Nico Muhly – mocht muziek uit zijn doorbraakprent The Reader komen spelen.

Schauvliege
De prijzen werden in niet altijd even geslaagde pogingen uitgereikt door “belangrijke mensen”; zo klonk Frank De Winne wel heel erg “schoolmeesterachtig” toen hij het over de UNICEF-actie had die aan de WSA gekoppeld was en zorgde ieders favoriete minister Joke Schauvliege voor het dieptepunt van de avond.

Ze schreed het podium op (we vroegen ons af of ze wel wist waar ze was; laat staan of ze ooit naar filmmuziek luistert) aan de zijde van Lord of the Rings-componist Howard Shore; haalde de enveloppe met de naam van de winnaar tevoorschijn en kraaide “and the winner is...” meteen gevolgd door de - gelukkig - juiste naam. Niet alleen stond Shore er voor spek en bonen bij; het bewees nog maar eens de volstrekte incompetentie van Schauvliege... voor en achter de schermen.

Na de pauze brak dan het echt muzikale gedeelte aan met een opeenvolging van internationaal befaamde componisten. De line-up laat zich lezen als een onvervalste “best of” binnen de huidige filmmuziekwereld en de kwaliteit loog er dan ook niet om. David Lynch' vaste componist Angelo Badalamenti nam plaats aan de piano voor Twin Peaks en het verrassende Cousins én bleek ook nog een enthousiaste verhalenverteller te zijn; die de WSA met een kwartiertje heeft verlengd door een anekdote te vertellen zoals alleen oude moppentappers dat kunnen.

Hoogtepunten
Na dit startschot volgden de hoogtepunten zich snel op: de perfecte combinatie van beelden met Bruno Coulais' prachtige muziek voor Océans; de onweerstaanbare solo van Gaëlle Méchaly tijdens Gabriel Yared's muziek van The Talented Mr. Ripley; Elliot Goldenthals bombastische meesterwerk Titus; de epische filmmuziekopera van The Lord of the Rings (waarbij de zaal muisstil werd tijdens de solo van de jonge Thomas Stroobants; terwijl we hoopten dat de hoge jongensstem niet plots enkele octaven lager zou klinken, zoals Homer Simpson ooit overkwam in een episode van The Simpsons).

De hoogtepunten kwamen er dankzij Frédéric Devreese en Gustavo Santaolalla. Van de eerste; een in Amsterdam geboren “man van bij ons”  die ons – zo moeten we met scha en schande bekennen - totaal onbekend was, kregen we twee composities te horen die de haren op onze armen lieten rechtstaan. Vooral Danse de l'Auberge uit Un Soir, Un Train was ronduit fantastisch. De muziek hoort bij een bevreemdende scène die later ook de eng-grappige caféscène in Calvaire zou inspireren en is een vliegensvlugge, opzwepende en manisch muzikale rollercoaster.

Ontroering kwam er van Santaolalla wiens Latijns-Amerikaanse invloeden doorklonken in de prachtige muziek van The Motorcycle Diaries en Brokeback Mountain. Santaolalla zong zelf het  titelnummer van Brokeback Mountain en bewees niet alleen een meesterlijk componist maar ook een begenadigd zanger te zijn.

De World Soundtrack Awards sloten af zoals ze begonnen waren; met de Elmer Bernstein-fanfare én dit keer met een staande ovatie. Het was ergens jammer om te zien dat het Kuipke – net zoals bij het concert van Barry - slechts voor de helft uitverkocht was. Over smaak valt niet te redetwisten maar het kan er bij ons niet in waarom een Vlaamse groep als Clouseau elf edities lang het Sportpaleis uitverkocht krijgt terwijl een eenmalig optreden met de top van de muziekwereld amper aan een volle zaal geraakt.

Dat mensen filmmuziek nog al te vaak afdoen als klassieke muziek is ongetwijfeld een feit maar wie bij de WSA aanwezig was zal alleen maar kunnen bevestigen dat onder de ruime noemer van de filmmuziek een waaier aan stijlen, genres en klanken zit. Aan u om ze te ontdekken... volgend jaar tijdens de elfde editie!

Muziekdocu's / 
Componistencouplet


Wie naast de diverse concerten ook in de donkere zalen met filmmuziek wou bezig zijn kon tijdens het filmfestival terecht bij drie documentaires: Nyman in Progress, Conversations on Alex North's Spartacus en Bandes Originales: Georges Delerue. Moviegids kon er twee voor u bekijken.

Nyman in Progress lijkt aanvankelijk over het leven en werk van componist Michael Nyman te zullen gaan maar ontpopt zich halverwege tot een blik op de nieuwe carrièrewending van de man die het ook als filmmaker probeert.

Tussendoor krijgen we zijn muziek te horen (vooral uit de films van Peter Greenaway), uitgevoerd door de Michael Nyman band, waarvan de leden ook aan het woord komen. Als de focus van de film zich gaat verleggen op de onophoudelijke stroom videomateriaal die Nyman schiet (het doet zelfs denken aan de obsessieve filmdrang van het hoofdpersonage in Exit Through the Gift Shop) blijven muziekliefhebbers enigszins op hun honger zitten.

Voor fans van Nyman is dit een interessant document maar wie echt op zoek is naar een beter zicht op de werkwijze van de man (of de man zelf) zal gefrustreerd blijven. Nyman in Progress is vlees noch vis.

Al even opvallend (en uitdagend) is Conversations on Alex North's Spartacus; een negentig minuten durende reeks interviews over de invloed van een epische brok filmmuziek. De documentaire (als we het zo kunnen noemen) werd in elkaar gebokst door filmmuziekkenner Robert Townson.

Deze man staat al twintig jaar aan het hoofd van dé filmmuziekmaatschappij bij uitstek Varèse Sarabande en houdt zich dan ook verwoed bezig met het bewaren en uitbrengen van zeldzame soundtracks die anders verloren zouden gaan. Voor zijn duizendste CD besloot Townson een speciale release op de markt te brengen. Hij koos voor Spartacus; niet alleen omdat hij wijlen Alex North had beloofd om “ooit iets met de muziek te doen”, maar ook omdat veel huidige componisten door de muziek werden geïnspireerd.

Townson ging grote namen als John Williams, Alexandre Desplat, David Newman, Lalo Schifrin, Christopher Young en anderen interviewen; vroeg hen naar hun ervaringen met North en hun mening over de filmmuziek en monteerde vervolgens alles aan elkaar.

De muziek van Spartacus is amper te horen (enkel in het begin en tijdens de eindgeneriek) en verder is dit vooral een diep uitgewerkt promopraatje voor de CD. Met dat in gedachten zijn de gesprekken bijzonder interessant voor de liefhebbers van filmmuziek maar anderen zullen hier ongetwijfeld minder aan hebben. Voor de fans dus.

Kenny De Maertelaere

[KADERTEKST END]