Een vertelstem presenteert de vrienden Jules en Jim in hun Parijse biotoop als volgt: Jules wil een vrouw maar is hoewel aardig, vooral verlegen en dom. Jim is dan weer zijn tegenpool, als rokkenjager en hartenbreker. Aan de vooravond van de Eerste Wereldoorlog ontmoeten de vrienden in Parijs de aantrekkelijke Française Cathérine, gespeeld door Jeanne Moreau. Jules is meteen weg van haar en vraagt zijn vriend deze vrouw voor hem te laten. Samen brengen ze een onbezorgde vakantie aan zee door. Jules vraagt er Cathérine ten huwelijk maar dan breekt de oorlog uit. Jules, een Oostenrijker, gaat in dienst bij het leger van de vijand. Jim vervoegt het Franse leger.
Complexe driehoeksverhouding
De oorlogsperiode doorspekt de regisseur met archiefmateriaal, wat meteen ook de gruwel van de loopgravenoorlog weergeeft. Hoewel de vrienden tijdens deze periode tegenover elkaar staan, betekent dit allerminst het einde van hun vriendschap. Wanneer Jim na de oorlog zijn ondertussen getrouwde vrienden opzoekt in hun grote chalet in Oostenrijk, nemen ze de draad weer op. Er ontstaat een complexe driehoeksverhouding die geen van de drie gelukkig maakt. Jim vertrekt terug naar Parijs tot ze elkaar jaren later weerzien en een fatale afloop een einde maakt aan de relatie van de vrienden en minnaars.
Oskar Werner (Jules) en Henri Serre (Jim) zijn goed gecast als elkaars tegenpolen. Het zijn totaal verschillend types: Werner straalt iets onschuldigs uit als blonde god met een Duits accent. Jim met zijn donkere haar en verschillende metamorfoses is een modebewuste man van de wereld. Hoewel de protagonisten boezemvrienden zijn, zorgen de weinig diepgaande dialogen tussen de twee er voor dat hun relatie toch enigszins afstandelijk overkomt. Ze delen in de eerste plaats hun literaire interesses als schrijver met elkaar.
Jeanne Moreau vormt in de gestalte van het zinnelijke de belangrijkste schakel tussen het duo. De toen nog jonge maar al gevestigde actrice overtuigt dan ook het meest als de grillige, onvoorspelbare en vrijgevochten Cathérine die ondanks het moederschap altijd het kind in haar blijft koesteren. De voice-over doet tussendoor dienst als vertolker van de gevoelens en geeft achtergrondinformatie over de niet in beeld gebrachte gebeurtenissen in het leven van de drie vrienden. Hij staat de vereenzelviging van het filmpubliek met de personages zo nodig nog meer in de weg.
Geheimzinnige symboolwaarde
In het scenario zijn verschillende originele details met een onduidelijke of alleszins geheimzinnige symboolwaarde verweeft. Aan de hand van een archaïsche glimlach van een Grieks standbeeld idealiseren de vrienden bijvoorbeeld de vrouw die hun verdere leven zal bepalen. Ook de zandloper die Jules regelmatig als tijdsaanduiding gebruikt voegt een bizar element aan het verhaal toe, net als het feit dat Cathérine er iets op tegen heeft dat er een hoed op een bed wordt gelegd.
Het is niet duidelijk of Truffaut ook voor deze details de mosterd uit de gelijknamige roman van de Parijse schilder en schrijver Henri-Pierre Roché uit 1953 heeft gehaald. Roché, die op latere leeftijd het autobiografische boek schreef, was in de laatste jaren van zijn leven bevriend met Truffaut. Zijn vitale verhaal kan worden omschreven als een relaas over de vroegtijdige seksuele revolutie in het Parijs van de belle époque.
Truffaut was van mening dat een filmmaker veelzijdig diende te zijn. Naast regisseur, schreef hij tevens mee aan het scenario en stond hij mee in voor de montage. Als een van de motors van de Nouvelle Vague hadden zijn prenten vaak een realistisch uitgangspunt. De beschreven situaties waren vaak zelfs semibiografisch geïnspireerd. Zijn films reflecteerden zijn leven en stemmingen.
Net zoals de twee hoofdpersonages in Jules et Jim hield Truffaut van de vrouwen. Hij had bijvoorbeeld relaties met verschillende actrices waarmee hij samenwerkte, zoals ook met Jeanne Moreau waarmee hij naast Jules et Jim ook in 1968 La Mariée était en noir draaide. Net als zijn hoofdpersonages Jules en Jim hield de cineast van literatuur. In de film vergelijkt hij beide mannen zelfs letterlijk met Don Quichote en Sancho Pancho, naar zijn geliefde protagonisten uit het gelijknamige boek.
Improvisatie
Typisch ook voor Truffauts vernieuwende films was de ruimte die hij gaf aan improvisatie. In Jules et Jim is die ruimte nadrukkelijk aanwezig. Zo pertinent dat het trio zich vaak meer als spelende kinderen gedraagt dan als acterende volwassenen. Door het improviserende element lijkt er minder samenspel te zijn tussen de hoofdrolspelers. Het komt wat gekunsteld over terwijl het toch eerder de bedoeling is om met behulp van improvisatie de natuurlijke wisselwerking en de gang van zaken tussen de personages te bevorderen. Truffaut benadrukt hiermee wel geslaagd het speelse, luchtige leven dat de drie bondgenoten leiden.
Jules et Jim is zonder meer een klassieker van de Franse cinema. Truffaut geeft zijn visie op de complexiteit van een driehoeksrelatie via de groteske uitvergroting van relationele thema’s zoals seksuele verveling en lust, ontrouw, verlatingsangst en intellectuele intimiteit. Zijn ode aan de liefde is geen hapklare brok maar een op het eerste gezicht erg luchtige nietszeggende film die nergens naar toe gaat maar dankzij enkele dramatische en onvoorspelbare wendingen, toch tot observatie en reflectie stemt.
REEKS (126) – KLASSIEKER
In deze rubriek snuffelen we elke editie langs grote, kleine en vergeten filmklassiekers.