EVITA

Hoer of heilige?

Van arme komaf, ambitie, seksueel charisma, enorm succes, macht,... de gelijkenissen tussen de legendarische first lady Eva Peron (1919-1952) en Madonna zijn niet te tellen.

Maar opdat ze de rol van haar leven in de filmversie van de gelijknamige opera-musical uit 1976 van Andrew Lloyd Webber en Tim Rice in handen zou krijgen, moest Madonna eerst over de lijken van Meryl Streep en Michel Pfeiffer wandelen. De uiteindelijke doorslag voor regisseur Alan Parker was de aan hem gerichte handschreven brief waarin Madonna gepassioneerd duidelijk maakte dat deze rol voor haar geschreven was.

Eén van de extreme gebeurtenissen die Evita's leven zal veranderen is de begrafenis van haar vader in 1926. Maria Eva Ibarguren is dan zeven jaar oud. Als niet erkend kind van Juan Duarte en Juana Ibarguren, zijn bijzit, werd ze verboden deze dienst bij te wonen. Dat gebeuren heeft bij haar een levenslange haat veroorzaakt tegen de Argentijnse middenklasse. Onmiddellijk knoopt Parker in het verhaal aan bij Evita's eigen begrafenis.

In de treurnis van dit indrukwekkend in beeld gebrachte moment duikt Che (Antonio Banderas) plots op als verteller. Hij distantieert zich van het gebeuren en stelt zich de vraag wie Evita nu wel geweest is. Was ze inderdaad de 'Madonna' van de descamisados (hemdlozen) of was ze de vrouw van lichte zeden die zich prostitueerde om in het leven vooruit te komen? Haar korte leven draaide in ieder geval rond één droom: She wanted to be a part of BA - Buenos Aires - Big Apple. Door toedoen van tangozanger Agustin Magaldi, die haar meeneemt naar het hart van Argentinië, kan ze die droom waarmaken. De diepe werkloosheid waarin de grootstad sinds de crash van 1929 gedompeld is, maken het voor Evita niet eenvoudig.

Door belangrijke figuren uit de theaterwereld en de filmbusiness 'ter wille te zijn' klimt ze gestaag op de sociale ladder. Begin jaren veertig breekt ze uiteindelijk door met hoorspelen op de radio. Maar dan, op 22 januari 1944, tijdens een liefdadigheidsconcert ten voordele van de slachtoffers van de San Juan-aardbeving, ontmoet ze voor het eerst kolonel en weduwnaar Juan Peron. 'Gracias por ser, por exister' (Dank u dat u er bent, dat u bestaat), deelt ze de bijna vijftigjarige man mee. Deze gevleugelde woorden betekenden het begin van Evita's stercarrière. Haar aanbidding voor Peron zou nooit meer afnemen en de verliefdheid was wederzijds.

Van bij het begin wordt de kijker meegezogen in het verhaal, zonder te beseffen dat alle tekst gezongen is. Op geen enkel ogenblik remt de musicalvorm de kracht van de vertelling. Alles raast aan een overweldigend tempo voorbij. Historisch kan men zich wel enkele bedenkingen maken, maar politieke beslissingen en sociale oproer veroorzaakt door een oligargische beleid lenen zich nu eenmaal minder tot de musicalvorm. Hoewel ook daar Parker voortdurend de actie weet de stuwen. Indien men Rice's originele songteksten naast de filmversie legt vallen de ingrepen duidelijk op. Hier en daar werd ingekort of gemixt wat betreft volgorde, dit alles ten voordele van het verhaal. Wat de acteerprestaties betreft had Madonna gelijk. Deze rol was bedoeld voor haar. Antonio Banderas verrast met een verbluffende vertolking van Che. Zijn songs versterken deze van Evita en het contrast mannestem/vrouwestem krijgt zo een evenwichtige verdeling. Jonathan Price zet een overtuigende Juan Peron neer. Deze gewaagde onderneming van Alan Parker en zijn crew kan meer dan geslaagd genoemd worden. Het werd een visueel en auditief juweel.