Het is een terugkeer door de grote cinemapoort geworden. Twee uur lang serveert Lynch een grandguignoleske maskerade van horror, thriller en mysterie. Al van bij de begingeneriek zit je op de verloren snelweg, waarbij er maar één volgende halte is: Lynchland, waar het abnormale en ziekelijke onder de dunne laag van de realiteit sluimert, waar figuren als Killer Bob, Leland Gaunt en de mysterieuze uilen nooit ver weg zijn. Dit is de David Lynch van de groteske fantasmagorie, de omineuze fantasie, de enigmatische elefantiasis.
In wezen is Lost Highway niets meer of minder dan een grillige arabeske van een ziekelijke en gespleten geest. De centrale figuur in deze hallucinatie is Fred Madison (Bill Pullman), een saxofonist wiens huwelijk met Renee Madison (Patricia Arquette) bol staat van onuitgesproken spanningen. Die lopen nog hoger op als ze anonieme videotapes krijgen. Op één van die tapes zien we hoe Fred zijn vrouw vermoordt en hij wordt ter dood veroordeeld. Als een cipier zijn cel gaat controleren, blijkt er iemand anders in te zitten: Pete Dayton. Diens universum wordt voornamelijk omcirkeld door de figuren van Mr. Eddy, een louche onderwereldfiguur, en Alice, de maitresse van Mr. Eddy. De grote vraag die zich opwerpt is of Fred en Pete afsplitsingen van één en dezelfde persoonlijkheid zijn.
Een antwoord geven is niet makkelijk en wellicht ook niet de bedoeling. 'If things get too specific, the dream stops,' zegt Lynch zelf. Het is dan ook aan de kijker om uit te vissen hoe de vork in de steel zit. Lynch schept nog veel meer mysteries en geheimen. Wie is bijvoorbeeld Mysterie Man? En wat is de rol van ene Dick Laurent? Om antwoorden te vinden moet je door een wereld die bol staat van waanbeelden en waar niets is wat het lijkt te zijn. Om die sfeer te scheppen gebruikt Lynch (naar goeie gewoonte) vertraagde beelden, grove korrel, extreme close-ups en omgekeerde sequenties. Lineairiteit en narratieve logica zijn ver te zoeken. Lynch legt eerder de klemtoon op het belang van de symboliek, de geslotenheid van de karakters en de studie van details. Lynch is een fantast: op een voyeuristische manier associeert hij beeld en klank, waarbij de gesproken taal op de achtergrond verdwijnt.
Het resultaat is hallucinant: een visionaire reis over een bizarre weg in een wereld waar de tijd ontsnapt aan alle controle. Een studie van de menselijke psyche. Een postmodern schilderij waarbij personages uiteenvallen in woede, angst, verdriet en vernedering. Een dantesk inferno in de diepten van verloren zielen. Méér hoeft ook niet gezegd of verklaard te worden over deze film. De meester zelf heeft immers het laatste woord. 'If you could tell someone about it, why make a film?'